Externe hulpmiddelen, zoals het internet, zorgen er wellicht voor dat ons geheugen anders gaat werken. Duizenden jaren geleden was het van groot belang dat onze hersenen informatie opsloegen, anders dan zou informatie verdwijnen. Tegenwoordig is vrijwel alles terug te vinden op het wereldwijde web.

Professor Betsy Sparrow van de Columbia universiteit voerde vier experimenten uit met studenten. De studenten moesten bepaalde zinnen typen, zoals ‘rubberen banden blijven langer goed als ze worden gekoeld’. Aan de helft van de proefpersonen vertelde Sparrow dat de zinnen opgeslagen zouden worden op een harde schijf. De andere helft kreeg te horen dat de zinnen niet opgeslagen werden. De zinnen zouden dus direct worden verwijderd.

Zoals Sparrow al vermoedde konden de studenten van de tweede groep de zinnen na afloop van het experiment beter onthouden. De studenten van de eerste groep waren de meeste zinnen alweer vergeten of konden ze slechts gedeeltelijk opratelen.

Het onderzoek van Sparrow toont aan dat mensen minder informatie opslaan als ze weten dat de informatie al ergens anders opgeslagen wordt, bijvoorbeeld op een harde schijf of op het internet. Hierdoor zou het kunnen dat internet en andere technologieën ervoor zorgen dat mensen informatie abstracter opslaan dan voorheen.