Gammaflitsen zijn de meest energierijke verschijnselen in het heelal. Toch produceren sommige flitsen weinig licht. Hoe komt dit? Een team van wetenschappers heeft een simpele verklaring: de geringe helderheid is het gevolg van de aanwezigheid van stof tussen de aarde en de explosie. Oftewel: interstellair stof verduistert de heldere gammaflitsen.

Een gammaflits of gammastralinguitbarsting (GRB) is een heftige uitbarsting van hoogenergetische gammastraling en duurt van enkele milliseconden tot enkele minuten. Tijdens de flits is de energie-uitstoot honderden malen meer dan de straling die afkomstig is van een supernovauitbarsting. Vaak treedt er een gammaflits op als twee neutronensterren samensmelten of als er sprake is van een hypernova: de ineenstorting van een zeer zware ster tot een zwaar zwart gat.

WIST U DAT…

Alle gammaflitsen gloeien na in röntgenstraling. De helft daarvan zendt ook zichtbaar licht uit, de rest blijft donker. Wetenschappers onderzochten deze donkere gammaflitsen met de Swift-satelliet en GROND, een speciale detector bedoeld voor waarnemingen van nagloeiende gammaflitsen. GROND is gekoppeld aan de ESO-telescoop op La Silla in Chili.

Uit de observaties blijkt dat verduisterend stof een aanzienlijk aantal gammaflitsen tot ongeveer 60 à 80 procent van de oorspronkelijke intensiteit afzwakt. Het effect op de verste gammaflitsen is nog groter. Daarvan komt slechts 30 tot 50 procent van het licht op aarde aan. De astronomen concluderen daaruit dat de donkerste gammaflitsen simpelweg die gammaflitsen zijn waarvan het zichtbare licht onderweg compleet geabsorbeerd is.