Wetenschappers denken de fossiele resten van de oudste voorouder van de moderne mens gevonden te hebben. De resten zijn 1,98 miljoen jaar oud.

De fossielen werden in 2008 teruggevonden in Zuid-Afrika. Het gaat om resten van de soort Australopithecus sediba.

Leeftijd
Wetenschappers hebben het fossiel en de vindplaats ervan nog eens onder de loep genomen en denken nu met zekerheid vast te kunnen stellen hoe oud de restanten zijn. Ze komen uit op 1,98 miljoen jaar oud. Ze houden daarbij rekening met een foutmarge van zo’n 3000 jaar (wat overigens niets is in vergelijking met de vorige foutmarge van zo’n 200.000 jaar).

Kandidaat
Nu de onderzoekers min of meer zeker weten hoe oud A. sediba is, kunnen ze deze ook een plekje geven in de stamboom van de mens. “Deze leeftijd betekent dat A. sediba op dit moment de beste kandidaat is (voor de titel van, red.) onze meest verre voorouder,” stelt onderzoeker Robyn Pickering.

Trekjes
Een analyse van de fossiele resten onderschrijft dat. De mensachtige heeft al menselijke trekjes of was bezig deze te ontwikkelen. Zo had deze soort bijvoorbeeld al handen die gereedschappen konden gebruiken. En de vrouwelijke A. sediba kreeg al een andere vorm heupen zodat ze het leven konden schenken aan nageslacht met een groter brein.

A. Sediba is ongeveer even oud als de Homo habilis en Homo rudolfensis: twee andere mensachtigen die mogelijk ook voorouders waren van de Homo erectus. Dat A. sediba voor nu toch de boeken ingaat als mogelijk oudste voorouder van de mens komt doordat deze soort zowel qua brein als qua lichaam meer wegheeft van moderne mensen dan de H. habilis en de H. rudolfensis.

Het onderzoek naar A. sediba is verschenen in het blad Science.