Een nieuw klimaatmodel schijnt licht op deze prangende vraag.

Klimaatmodellen kunnen ons vertellen hoe we broeikasgasuitstoot moeten verminderen, maar de modellen houden geen rekening met de menselijke haalbaarheid. Daarom hebben wetenschappers nu in een nieuwe studie voor het eerst een klimaatmodel gemaakt waarin menselijk gedrag is meegenomen. Met het nieuwe model kunnen de effecten van menselijk gedrag op het klimaat gemeten worden. “Een beter begrip van hoe mensen over de risico’s van klimaatverandering denken en hoe ze hierop reageren, is de sleutel tot het inperken van de toekomstige klimaatverandering,” zegt hoofdauteur Brian Beckage.

Veranderingen in het menselijk gedrag als reactie op klimaatverandering, zoals het plaatsen van zonnepanelen, veranderen de uitstoot van broeikasgassen. Copywright: NIMBioS

Klimaatmodel
Het nieuwe model is gebaseerd op zowel de sociale psychologie als de klimaatwetenschap. Het laat zien hoe menselijk gedrag verandert als reactie op extreme klimaatgebeurtenissen en hoe die gedragsveranderingen van invloed zijn op de wereldwijde temperatuurstijging. Als mensen bijvoorbeeld zonnepanelen installeren of vaker het openbaar vervoer gebruiken, verandert dit de uitstoot van broeikasgassen. Dit verandert de wereldwijde temperatuur en daarmee de frequentie van extreme weersgebeurtenissen. Dit leidt vervolgens tot nieuwe gedrag, wat ook weer invloed heeft op het klimaat, enzovoort, enzovoort.

Veranderingen
De vraag die de wetenschappers in deze studie wilden beantwoorden was: is de mens eigenlijk wel in staat om de wereldwijde temperatuurstijging te kunnen verminderen? “Het is gemakkelijk om het vertrouwen te verliezen in het vermogen van de mens om voldoende veranderingen door te voeren om de toekomstige temperatuurstijging tegen te gaan,” zegt co-auteur Louis J. Gross. Maar volgens de onderzoekers is het wel degelijk haalbaar. De onderzoekers gebruikten in hun onderzoek een basis klimaatmodel waarin werd uitgegaan van een wereldwijde temperatuurstijging van 4,9 graden Celsius in het jaar 2100. Hier bouwden ze vervolgens de menselijke component bij in.

“Een beter begrip van hoe mensen over de risico’s van klimaatverandering denken en hoe ze hierop reageren, is de sleutel tot het inperken van de toekomstige klimaatverandering”

Impact
Uit het klimaatmodel blijkt dat meer ingrijpende veranderingen – zoals het isoleren van huizen of het kopen van een hybride auto – verreweg de meeste impact hebben op de uitstoot van broeikasgassen. Kleinere veranderingen, zoals de thermostaat een graadje lager zetten, of minder kilometers in de auto rijden, dragen minder bij. Uit het onderzoek blijkt dat in het meest gunstige geval, waarbij mensen zoveel mogelijk positieve veranderingen doorvoeren, de temperatuur in 2100 gestegen zal zijn met 3,4 graden Celsius. Maar we kunnen ook met ons gedrag klimaatverandering negatief beïnvloeden. In dat geval zal de temperatuur volgens de onderzoekers in 2100 met 6,2 graden Celsius gestegen zijn.

“We weten niet altijd wat de beste manier is om iets aan klimaatverandering te doen,” zegt co-auteur Katherine Lacasse. “Als er echter vanuit de overheid een beleid komt dat helpt om meer positieve, ingrijpende veranderingen te bewerkstelligen, kan dat mensen helpen om een stap te zetten die een betekenisvolle impact heeft op het klimaat.”