andromeda

Over drie tot vier miljard jaar vindt er een enorme, frontale botsing plaats tussen onze Melkweg en een relatief nabijgelegen sterrenstelsel: het Andromedastelsel. Er zijn wetenschappers die denken dat dit niet de eerste keer is dat de twee stelsels botsen. Mogelijk vond er tien miljard jaar geleden eenzelfde soort incident plaats.

Het Melkwegstelsel en het Andromedastelsel zijn lid van een clubje genaamd de Lokale Groep. Deze groep sterrenstelsels wordt bij elkaar gehouden door donkere materie. Hoewel het heelal uitdijt – en de afstanden tussen sterrenstelsels dus steeds groter worden – trekken het Andromedastelsel en het Melkwegstelsel elkaar zo sterk aan, dat beide stelsels met een snelheid van honderd kilometer per seconde op elkaar afstevenen.

Deze kaart toont de route van het Andromedastelsel (gele lijn). Op de as vond tien miljard jaar geleden de botsing plaats.

Deze kaart toont de route van het Andromedastelsel (gele lijn). Op de as vond tien miljard jaar geleden de botsing plaats.

MOND-theorie
In 1983 stelde professor Mordehai Milgrom van het Weizmann Instituut een nieuw model voor die het gedrag van sterrenstelsels beter kan verklaren dan donkere materie: de MOND-theorie. Volgens deze theorie bestaat er geen donkere materie. Zwaartekracht gedraagt zich volgens de MOND-theorie in het heelal anders dan op kleinere schaal.

Dr Hongsheng Zhao van de universiteit van St. Andrews en zijn collega’s hebben de MOND-theorie gebruikt om de bewegingen van sterrenstelsels in de Lokale Groep in kaart te brengen. Daaruit blijkt dat de Melkweg en het Andromedastelsel tien miljard jaar geleden in contact met elkaar zijn gekomen. Volgens het traditionele model zouden de twee sterrenstelsels dan moeten samensmelten, maar dit is niet gebeurd.

Geen samensmelting
“Donkere materie is als honing”, zegt professor Pavel Kroupa van de universiteit van Bonn. “Wanneer de twee sterrenstelsels elkaar ontmoeten, blijven ze aan elkaar plakken. Maar als de MOND-theorie van Milgrom klopt, dan bestaat er geen donkere materie en kunnen twee grote sterrenstelsels elkaar passeren zonder samen te smelten. Wel trekken de stelsels materie bij elkaar weg.”

“De enige manier waarop de twee sterrenstelsels elkaar kunnen passeren zonder samen te smelten, is wanneer er geen donkere materie is”, legt dr. Zhao uit. “Als we bewijzen vinden van een close encounter in het verleden, dan ondersteunt dit de theorie van Milgrom.”

Dwergstelsels
Zo’n close encounter zorgt ervoor dat er kleine dwergstelsels ontstaan in de spiraalarmen van beide sterrenstelsels. “Dit proces zien wij in het hedendaagse universum”, zegt teamlid Fabian Lueghausen van de universiteit van Bonn. Rondom het Andromedastelsel en het Melkwegstelsel zweven talloze dwergstelsels, die mogelijk overblijfselen zijn van de ontmoeting tussen de twee grote sterrenstelsels. Deze dwergstelsels zullen verder geanalyseerd worden