Wetenschappers hebben het slaappatroon van een aantal hamsters overhoop gegooid: elke drie dagen verschoof de periode waarin ze sliepen met zes uur. En dat een maand lang. In de mensenwereld komt dat neer op een jetlag die men heeft wanneer men in één maand tien keer op en neer reist tussen New York en Parijs. De hamsters toonden wat dat met een mensenbrein doet.

Uit het onderzoek blijkt dat het regelmatig hebben van een jetlag de kans op hart- en vaatziektes, diabetes en kanker verhoogt. Maar de hamsters vertoonden ook nog andere gebreken: het aantal nieuwe zenuwcellen dat in de hippocampus wordt aangemaakt, daalde met vijftig procent. Deze zenuwcellen zijn cruciaal voor de vorming van het langetermijngeheugen.

WIST U DAT…

…een jetlag in de toekomst met een pilletje voorkomen kan worden?

Ook de mentale functies van de dieren renden achteruit. Zo wisten ze bijvoorbeeld niet meer in welk deel van hun kooi hun favoriete rad stond. Zelfs 28 dagen na de laatste jetlag, waren de hamsters nog minder goed in staat om te leren en herinneringen op te slaan. De onderzoekers concluderen dan ook dat de jetlag een langdurig effect heeft op het geheugen en de leerprocessen.

Waardoor deze problemen veroorzaakt worden, is onduidelijk. Mogelijk heeft een variatie in het slaaphormoon melatonine er iets mee te maken. Maar ook stress en de toename van het aantal afstervende cellen kan de hamsters geen goed hebben gedaan.