Vanaf de aarde zien wij supernovarestanten vanuit één invalshoek. Maar hoe zien deze geëxplodeerde sterren er in drie dimensies uit? Europese astronomen waren hier benieuwd naar en verkregen met de Very Large Telescope voor het eerst een driedimensionaal beeld van een ‘recent’ ontplofte ster.

Eerder slaagden wetenschappers er al wel in om een driedimensionaal computermodel te maken van een supernova-explosie. In de video is te zien hoe een supernova-explosie zich de eerste paar uur na de gebeurtenis ontwikkelt.

‘Integral field spectroscopy’
Wetenschappers van ESO maakten voor de driedimensionale weergave van supernovarestant SN 1987A in mindere mate gebruik van een computer. Zij gebruikten namelijk het unieke SINFONI-instrument. Hierbij maakten de wetenschappers gebruik van de zogenaamde ‘integral field spectroscopy’-techniek.

“Integral field spectroscopy is een speciale techniek waarbij we voor elke pixel informatie krijgen over de aard en de snelheid van het gas,” legt Karina Kjær van de Queen’s universiteit uit. “Dit betekent dat we behalve het normale beeld ook de snelheid langs de gezichtslijn verkrijgen. Omdat we weten hoeveel tijd er sinds de explosie is verstreken, en omdat het materiaal ongehinderd naar buiten beweegt, kunnen we deze snelheid omzetten in een afstand. Dit resulteert in een afbeelding van het binnenste uitgestoten materiaal in zowel voor- als zijaanzicht.”

Materieverdeling
Uit dit 3D-beeld blijkt dat de explosie in sommige richtingen krachtiger en sneller verliep dan in andere. Hierdoor is een onregelmatig gevormde materieverdeling ontstaan die zich op de ene plek verder uitstrekt dan op de andere. Dit is goed te zien op de onderstaande video.

Unieke explosie
Hoewel onze zon redelijk rustig sterft, eindigen veel zware sterren met een klapper. Bij zo’n supernova-explosie worden enorme hoeveelheden materie weggeblazen. Supernova 1987A in de nabije Grote Magelhaense Wolk is een bijzonder geval. Deze supernova, die in 1987 verscheen, was de eerste in 383 jaar die met het blote oog waarneembaar was. Door zijn relatieve nabijheid konden astronomen de ontploffing van de zware ster en de nasleep ervan ongekend gedetailleerd onderzoeken.