Dat blijkt uit nieuw onderzoek. Grote vraag is hoe we zo’n maan dan gaan noemen. Een submaan? Maanmaan?

De meeste planeten in ons zonnestelsel hebben manen. De aarde heeft er één, Mars heeft er twee, Jupiter zelfs 79. Maar geen van deze manen heeft zelf een maan. Dat wil echter niet zeggen dat dat onmogelijk is, zo schrijven onderzoekers in een nieuw paper (dat nog peer-review moet ondergaan). Want volgens hun berekeningen kan een maan heel goed een maan hebben.

Criteria
Maar: dan moet de maan en de maan die daaromheen cirkelt (we noemen dat voor het gemak even een submaan) wel aan specifieke eisen voldoen. Zo moet de submaan vrij klein zijn, terwijl de maan juist heel groot is. Je moet dan bijvoorbeeld denken aan een submaan van zo’n 10 kilometer groot die rond een maan draait die zo’n 1000 kilometer groot is. Daarnaast kan dit hele systeem alleen stabiel zijn als de maan en submaan op behoorlijke afstand staan van de planeet waar zij omheen draaien.

Onze maan
Als we dat lijstje met criteria even nalopen, zouden er in ons zonnestelsel in theorie zo’n vier manen zijn die een eigen maan zouden kunnen bezitten. Te weten: onze eigen maan, Titan en Iapetus (behorend bij Saturnus) en Callisto (behorend bij Jupiter). Het blijft bij theorie, want geen van deze manen bezit daadwerkelijk een submaan. Maar wellicht, zo schrijven de onderzoekers, is dat in het verleden wel anders geweest.

Kepler-1625b
In het paper halen de onderzoekers ook Kepler-1625b nog even aan. Het bewijs dat deze exoplaneet een maantje bezit, stapelt zich op. En alles wijst erop dat als de exoplaneet een maan heeft, deze behoorlijk omvangrijk is. Puur afgaand op de omvang van deze maan zou het niet ondenkbaar zijn dat deze een submaan herbergt. Tegelijkertijd is het het met oog op de baan van de vermeende exomaan weer twijfelachtig of eventuele submanen hier langdurig stand kunnen houden.

Samenvattend kunnen we dus stellen dat submanen tot de mogelijkheden behoren. Maar submanen zijn tegelijkertijd behoorlijk veeleisend, waardoor ze maar in weinig omgevingen langdurig stand kunnen houden. “Nader onderzoek naar de mogelijke manieren waarop submanen tot stand kunnen komen, hun overlevingskansen op de lange termijn en de manieren waarop we ze kunnen detecteren, is nodig,” zo sluiten de onderzoekers hun paper af.