Misschien. Bij sluipwespen in ieder geval wel. Wanneer zij een grotere beloning krijgen, werkt hun geheugen beter dan wanneer ze genoegen moeten nemen met een kleine beloning. Blijkbaar is het geheugen gemakkelijker te beïnvloeden dan gedacht.

Dat blijkt uit een onderzoek van de Wageningen Universiteit en het Nederlands Instituut voor Ecologie. Ze beschrijven hun resultaten in het blad PLoS ONE.

Sluipwesp
De onderzoekers bestudeerden twee soorten sluipwespen: Cotesia glomerata en Trichogramma evanescens. Eerstgenoemde sluipwesp stopt haar eitjes in het lichaam van rupsen. De tweede sluipwesp stopt ze in de eitjes van vlinders. De sluipwespen hebben om hun eitjes achter te laten een goed geheugen nodig. Zo moet T. evanescens de geur die mannelijke vlinders na de paring op een vrouwtje achterlaten, herkennen en onthouden. Zodra de sluipwesp die geur ruikt, weet hij dat het vrouwtje bevrucht is en binnenkort eitjes gaat leggen. Hij reist met het vrouwtje mee en zodra ze eitjes legt, kan de sluipwesp haar eitjes ook afgeven. C. glomerata pakt het anders aan: deze leert de geur van de plant waar rupsen op leven herkennen.

WIST U DAT…

Grote of kleine beloning
De onderzoekers boden de sluipwespen de gelegenheid om hun eitjes op twee soorten vlinders achter te laten. Een groot koolwitje of een klein koolwitje. Eerstgenoemd koolwitje was vanuit het oogpunt van de wespen beter, want deze leverde fittere sluipwespen (en dus een grotere beloning) op. Uit het onderzoek blijkt dat de sluipwespen de geur van een betere gastheer (een groot koolwitje) veel beter onthielden dan die van rupsjes die niet zo geschikt waren om hun eitjes bij achter te laten.

“Ons onderzoek naar leergedrag in sluipwespen laat zien dat het soort geheugen dat wordt aangemaakt afhankelijk is van de beloning,” vertelt onderzoeker Marjolein Kruidhof. Net als mensen beschikken ook dieren over een kortetermijngeheugen en een langetermijngeheugen. Lang niet alles wordt in laatstgenoemde geheugen opgeslagen, want dat kost teveel energie. Dit onderzoek laat nu zien dat we kunnen beïnvloeden welke informatie wel en welke informatie niet in het langetermijngeheugen belandt. En wel door een grote of kleine beloning te gebruiken. “Een rijke beloning leidt tot de vorming van een stabiel lange-termijn geheugen, terwijl een minder rijke beloning zorgt voor een kortere geheugenvorm.”