liegen

“Heb jij het laatste koekje opgegeten?” roept een moeder tegen haar kind. Het meisje schudt met haar hoofd. Niet alleen is ze een goede leugenaar, waarschijnlijk heeft ze ook een uitstekend geheugen. Kinderen met een goed geheugen kunnen beter liegen dan andere koters.

Onderzoekers lieten zes- en zevenjarigen meedoen aan een kennisspel. Op het eind kregen de kinderen een vraag over een fictief stripfiguur voorgeschoteld. De deelnemers kregen de kans om te spieken op de achterkant van het antwoordkaartje. Dankzij een verborgen camera konden wetenschappers valsspelers identificeren.

De leugenaars kregen vervolgens meer vragen voor hun kiezen, waaronder: wat voor kleur hebben de antwoordkaartjes? Wie goed kan liegen weet dat hij niet de daadwerkelijke kleur van het antwoordkaartje moet zeggen, omdat hij dan door de mand valt.

Tijdens het hele experiment maten de onderzoekers het geheugen van de kinderen. Zij onderzochten hoeveel woorden en hoeveel beelden een kind op een bepaald moment kon onthouden. Uit deze analyse blijkt dat goede leugenaars beter presteren tijdens geheugentests.

Niet baanbrekend
Is dit onderzoek baanbrekend? Nee, absoluut niet. Het is namelijk logisch dat iemand die veel informatie kan onthouden beter in staat is om te liegen. Een kind dat veel feiten opslaat, heeft meer handvaten om de waarheid te verbergen. “Hoewel ouders niet blij zijn wanneer hun kinderen liegen, laat dit onderzoek zien dat hun kinderen steeds beter kunnen denken en onthouden”, concludeert Dr Elena Hoicka van de universiteit van Sheffield.

Paper
De resultaten van dit onderzoek zijn gepubliceerd in het wetenschappelijke vakblad Journal of Experimental Child Psychology. De wetenschappers gaan binnenkort uitzoeken of ook jongere leugenaars – in de leeftijd van 0 tot 4 jaar – een beter geheugen hebben.