Het programma Reumaatjes @ work, een speciaal internetprogramma voor kinderen met jeugdreuma, helpt jonge patiënten in beweging te krijgen. Daarnaast lukt het kinderen om dit programma vol te houden. Dit concludeert fysiotherapeut Otto Lelieveld. Hij promoveert volgende maand aan de Rijksuniversiteit Groningen.

In Nederland hebben 2.500 kinderen jeugdrama. Vrijwel dagelijks hebben zij last van stijve gewrichten, pijn en vermoeidheid. Door hun ziekte bewegen ze weinig en hebben minder uithoudingsvermogen dan hun gezonde leeftijdsgenoten. Dit blijkt bij fietsen en wandelen naar school, maar ook bij korte intensieve bewegingen (een sprintje trekken of gewichtheffen). Ook kennen zij hun eigen grenzen niet, veel kinderen zijn aan het eind van de dag ‘total loss’.

Speciaal voor kinderen met jeugdreuma ontwikkelde het Universitair Medisch Centrum Groningen een internettrainingsprogramma om kinderen met jeugdreuma te helpen. Het programma duurt zestien weken en geeft de kinderen via internet informatie over de ziekte, en over hoe de kinderen hun lichamelijke fitheid en mate van lichaamsbeweging kunnen verbeteren.

“We laten kinderen hun energieniveau vergelijken met dat van een batterij. Als de batterij klein is, kun je die groter maken door training”, vertelt Lelieveld. “Opladen van de batterij doe je door slapen of rusten. Zo leren kinderen op het juiste moment gas terug te nemen en op het juiste moment gas te geven.” Kinderen kunnen na afloop van het programma beter hun eigen grenzen aangeven. Daarnaast presteren ze op de loopband beter dan kinderen die niet deelnamen aan het programma.

Lelieveld: “Het ene kind houdt meer van fietsen, het andere meer van skeeleren of voetballen. Het programma houdt hier rekening mee, door opdrachten en gerichte feedback te geven kunnen kinderen kiezen voor datgene wat bij ze past.” De fysiotherapeut kreeg een bedrag van 180.000 euro van het Reumafonds om het programma te verbeteren en landelijk in te voeren.