De ruimtesteen passeerde onze planeet dit weekend op slechts 386 kilometer afstand.

De planetoïde – die aangeduid wordt als 2020 VT4 – werd pas ontdekt rond de tijd dat deze rakelings langs de aarde scheerde. Astronomen spotten de ruimtesteen – die naar schatting tussen de 5 en 10 meter groot is – met behulp van het Mauna Loa Observatorium op Hawaii.

Recordbrekend
Nog niet eerder zagen onderzoekers een planetoïde zo dicht bij de aarde in de buurt komen om vervolgens zijn reis door de ruimte weer voort te zetten. En 2020 VT4 kwam ook veel dichter bij dan de planetoïden die zich eerder tijdens scheervluchten recordbrekend dicht bij de aarde waagden. Het gaat dan om 2020 QG die in augustus de aarde tot zo’n 2940 kilometer naderde. En 2011 CQ1 die in 2011 op ongeveer 5480 kilometer afstand langs de aarde scheerde.


Geen gevaar
2020 VT4 herinnert ons er op treffende wijze aan dat met name de kleinere ruimtestenen zich – ondanks de krachtige telescopen waarmee astronomen voortdurend de hemel afspeuren – nog steeds ongezien in de buurt van de aarde kunnen begeven. 2020 VT4 heeft echter nooit een reële bedreiging gevormd voor onze planeet. Met een geschatte omvang van tussen de 5 en 10 meter zou deze in de aardatmosfeer uiteen zijn gevallen.

Vervolgreis
Zover kwam het niet; 2020 VT4 zeilde veilig voorbij de aarde en vervolgde zijn reis door de ruimte. Overigens wordt die vervolgreis wel door de ontmoeting met onze planeet beïnvloed. Omdat de planetoïde – aangeduid als 2020 VT4 – zo dicht bij de aarde in de buurt kwam, is de baan onder invloed van de zwaartekracht van onze planeet veranderd. Waar de planetoïde eerder een vrij grote omloopbaan had, is deze nu een stuk kleiner geworden, zoals ook te zien is in onderstaande simulatie.

Onderzoek
Naast 2020 VT4 zijn er in de ruimte ook veel grotere ruimtestenen te vinden die wel een bedreiging voor de aarde kunnen vormen. In theorie moet het mogelijk zijn om de baan van deze grotere planetoïden – wanneer ze op ramkoers liggen met de aarde – aan te passen. Maar dan moeten we ze wel tijdig ontdekken. Het Amerikaanse Congres gaf NASA daarom in 1998 de opdracht om het leeuwendeel van alle aardscheerders groter dan 1 kilometer in kaart te brengen. Het leidde tot de ontdekking van duizenden ruimtestenen die zich met enige regelmaat in de buurt van de aarde begeven. En na het grote succes van dat onderzoeksproject werd ook een actieve zoektocht naar kleinere aardscheerders op poten gezet. En nog steeds worden er elke week nieuwe ruimtestenen in de omgeving van de aarde ontdekt. Sommige van de ontdekte ruimtestenen belanden op de lijst met potentieel gevaarlijke planetoïden. Dit zijn ruimtestenen die afgaand op hun baan en omvang in de toekomst een gevaar zouden kunnen vormen voor de aarde.

Ondertussen doet NASA – in samenwerking met ESA – ook onderzoek naar manieren waarop we de baan van planetoïden die in de toekomst een gevaar kunnen vormen voor onze planeet kunnen veranderen. Die studies nemen de komende jaren tijdens de DART en HERA-missies concretere vormen aan. Onderzoekers zullen tijdens de DART-missie proberen om de baan van Dimorphos – een 160 meter grote ruimtesteen die om de grotere planetoïde Didymos cirkelt – te veranderen door het te bombarderen. Waarna moet HERA uitwijzen in hoeverre dat dat gelukt is. Gehoopt wordt dat de missies samen meer inzicht kunnen geven in wat erbij komt kijken als je de koers van een planetoïde wilt veranderen.