Als de temperaturen steeds verder blijven oplopen, kunnen krokodillen steeds moeilijker aan voedsel komen en zullen ze bovendien vaker aan land komen. Dat voorspellen wetenschappers nadat ze krokodillen zowel in de winter als in de zomer bestudeerd hebben.

De onderzoekers bestudeerden de duiken die tien jonge krokodillen in Lakefield National Park maakten. Ze ontdekten dat de duiken in de zomer twee minuten korter waren dan in de winter. Bovendien maakten de krokodillen bij grote hitte veel minder langdurige duiken; in de winter kunnen de dieren gemakkelijk twaalf duiken die langer dan 50 minuten duren, maken. In de zomer was dat er slechts eentje.

Dat heeft alles te maken met de lichaamstemperatuur van de krokodil. Wanneer het lichaam van de krokodil warmer is, verbruikt hij meer zuurstof. Daardoor moet het dier vaker aan de oppervlakte komen om bij te tanken.

Duiken is belangrijk voor de krokodil; het dier kan tijdens een duik jagen, vluchten voor roofdieren en uitrusten. Wanneer de klimaatverandering ervoor zorgt dat de krokodil niet lang onder water kan blijven, is de kans groot dat het dier te weinig voedsel binnenkrijgt en een gemakkelijke prooi voor roofdieren wordt. Omdat de krokodil bij grote hitte in het water zuurstof te kort komt, zal deze wellicht veel vaker aan wal komen. Met alle gevolgen van dien.