Met name veranderingen in de hoeveelheid neerslag lijken een grote invloed te hebben op de evolutie van planten en dieren.

Klimaatverandering leidt tot andere neerslagpatronen. In sommige gebieden valt er minder vaak neerslag, maar als er neerslag valt, valt er meer dan voorheen. In andere gebieden overheerst de droogte. Planten en dieren kunnen zich – middels evolutie – aan die veranderende omstandigheden aanpassen. Maar alleen als er een verband is tussen variaties in het klimaat en natuurlijke selectie. Nieuw onderzoek toont nu aan dat dat verband er daadwerkelijk is. “We tonen aan dat veranderingen in de selectie doorgaans verband houden met klimaatomstandigheden,” vertelt onderzoeker Stephanie Carlson.

Neerslag
Aan welke klimaatomstandigheden moet je dan denken? Temperatuur? Neerslag? Met name het laatste, zo stelt Carlson. Zij en haar collega’s baseren die conclusie op een analyse van 168 studies over natuurlijke selectie onder dieren- en plantensoorten wereldwijd. Zo’n 20 tot 40 procent van de veranderingen in de selectie die onder deze soorten plaatsvindt, bleek terug te leiden te zijn naar lokale veranderingen in neerslag.

Klimaatvariabelen
“Eerder onderzoek suggereerde dat klimaatvariaties grote invloed hebben op hoe planten en dieren evolueren,” vertelt onderzoeker Adam Siepielski. “Wij wilden weten of we variatie in selectie onder diverse planten- en dierenpopulaties kunnen verklaren aan de hand van een paar simpele klimaatvariabelen. En wat blijkt: ja, dat kan.” Onderzoeker Doug Levey voegt toe: “Deze resultaten laten zien dat veranderingen in de hoeveelheid neerslag verrassende evolutionaire effecten hebben op planten en dieren wereldwijd.”

Aanpassing
Of dat ook betekent dat dieren zich daadwerkelijk – middels evolutie – aanpassen aan een veranderend klimaat, is met dit onderzoek niet bewezen, benadrukt Carlson. “Of er een adaptieve evolutie plaats zal vinden in reactie op deze selectie is onduidelijk.” In hun studie – verschenen in het blad Science – verwoorden de onderzoekers het als volgt: “Onze resultaten wijzen erop dat veranderingen in het klimaat veranderingen kunnen veroorzaken in selectieregimes en zo de evolutie op wereldwijde schaal kunnen veranderen.”

Hoe gaat dat dan precies? Siepielski haalt een voorbeeldje aan: de middelste grondvink op de Galapagos-eilanden (zie de foto bovenaan dit artikel). De omvang en vorm van de snavel van deze vogels is in een paar generaties veranderd. “Veranderingen in de neerslag hebben de omvang van de zaden die de vogels eten, veranderd. Vogels die snavels hadden die zeer geschikt waren voor het nuttigen van zaden van een specifieke grootte, hadden betere overlevingskansen.” Die vogels konden zich dus ook beter voortplanten, waardoor ze de populatie gaandeweg zijn gaan domineren.