Amerikaans onderzoek wijst uit dat trekvogels krimpen. Ondertussen worden hun vleugels ietsje langer.

Dat zijn de belangrijkste bevindingen uit een nieuwe studie gepubliceerd in het prestigieuze vakblad Ecology Letters. De onderzoekers namen in de studie ongeveer 70.000 Noord-Amerikaanse trekvogels behorend tot 52 verschillende soorten onder de loep. “We wisten op basis van eerdere studies dat stijgende temperaturen mogelijk kunnen leiden tot een kleiner lichaam,” zegt hoofdauteur Brian Weeks. “Maar het was schokkend om erachter te komen hoe consistent dit is. Ik was ongelofelijk verrast dat al deze soorten op een vergelijkbare manier reageren.”

Trekvogels
De onderzochte vogels zijn kleine zangvogeltjes die in de zomer ten noorden van Chicago broeden en in grote aantallen door de regio trekken. Denk bijvoorbeeld aan verschillende soorten mussen, Amerikaanse zangers en lijsters. Tijdens de lente en herfst botsen deze vogeltjes helaas vaak tegen de ramen van grote gebouwen in de stad. Sinds 1978 zijn vrijwilligers en onderzoekers bezig om deze onfortuinlijk omgekomen vogels te verzamelen en ze naar het nabijgelegen museum te brengen. Want door ze te meten en te bestuderen kunnen onderzoekers meer te weten komen over hoe ze lichamelijk gezien in de loop van decennia zijn veranderd.


Enkele van de duizenden vogels uit de collectie van het Field Museum die gebruikt zijn voor deze studie. Afbeelding: Field Museum, Ben Marks

Na een tijdje begonnen de onderzoekers subtiele veranderingen in lichaamsgrootte op te merken. “Het is een kwestie van tienden van millimeters,” zegt onderzoeker Dave Willard. Maar leg je alle metingen van de afgelopen decennia naast elkaar, dan valt er iets op. De onderzoekers kwamen namelijk tot de conclusie dat de trekvogels in de afgelopen veertig jaar steeds kleiner zijn geworden. Daarentegen zijn de vleugels juist een stukje groter geworden. De waargenomen veranderen zijn heel subtiel. Zo zijn de vogeltjes maximaal een paar gram lichter en zijn de vleugels maar een paar millimeter langer.

Klimaatverandering
De vraag is echter wat deze veranderingen in de hand heeft gewerkt. En de onderzoekers vermoeden dat het te maken heeft met klimaatverandering. De grootte van een dier houdt namelijk verband met het klimaat waarin hij leeft. Zo stelt de regel van Bergmann dat dieren in koude gebieden meestal groter zijn dan dieren in warme streken (zie kader). Omdat de temperaturen de afgelopen veertig jaar zijn gestegen, geloven de onderzoekers dat de fysieke krimp van trekvogels te wijten is aan klimaatverandering. Kleinere lichamen houden minder warmte vast, maar ondertussen stellen de langere vleugels de vogels nog wel in staat om hun lange trektochten te maken.

Meer over de Regel van Bergmann
In de biologie zijn er een aantal algemene regels die een opvallend patroon beschrijven. Zo is er bijvoorbeeld de regel van Bergmann die stelt dat dieren in koude gebieden meestal groter zijn dan dieren in warme streken. Een mogelijke uitleg voor dit patroon is dat grotere dieren minder huidoppervlak hebben in verhouding tot hun lichaamsvolume. Hierdoor kunnen zij makkelijker warmte vasthouden en dus overleven in koude omstandigheden. Kleinere dieren hebben meer huidoppervlak ten opzichte van hun lichaamsvolume. Deze dieren kunnen makkelijker warmte afgeven en hun lichaamstemperatuur op peil houden in warme omstandigheden.

De studie laat zien dat er een causaal verband bestaat tussen onze opwarmende planeet en de lichaamsgrootte van trekvogels. Al zijn de onderzoekers van plan dit in een vervolgonderzoek verder te bestuderen. “Toen we begonnen met het verzamelen van de gegevens, richtten we ons enkel op eenvoudige vragen,” legt Willard uit. “We keken naar variaties van jaar tot jaar en van seizoen tot seizoen. De uitdrukking ‘klimaatverandering’ als een modern fenomeen lag nog helemaal niet aan de horizon. Maar de resultaten uit deze studie benadrukken hoe essentieel langetermijnstudies zijn voor blootleggen van trends die worden veroorzaakt door veranderingen in onze omgeving.”