Een mysterieus deeltje van de zon knoeit mogelijk met de vervaltijd van koolstof-14. De halfwaardetijd van dit element fluctueert. Dit is slecht nieuws voor de wetenschap, want C14-datering is een methode die vaak wordt gebruikt door wetenschappers om materialen tot circa 60.000 jaar oud in een bepaalde tijdsperiode te plaatsen.

De halveringstijd van koolstof-14 is 5736 jaar. Oftewel: na 5736 jaar is de helft van alle instabiele koolstof-14 verdwenen. Na twee keer 5736 jaar is nog maar een vierde over. Na 57.360 jaar is 99,9% van koolstof-14 verdwenen.

Toch verandert de halveringstijd per seizoen. In de zomer ligt de halveringstijd iets lager dan in de winter. Hoe komt dit? Wetenschappers denken dat een mysterieus deeltje verantwoordelijk is voor de wisselende halveringstijd. Mogelijk gaat het om zonneneutrino’s, die door de aarde reizen en de halveringstijd van koolstof-14 beïnvloedt.

Waarom heeft de zon er iets mee te maken? De wetenschappers zagen een patroon van 33 dagen in de halveringstijd van koolstof-14. Toevallig doet de kern van de zon er 33 dagen over om een rondje om zijn as te draaien. Is er sprake van een verband?

Neutrino’s, die ontstaan door nucleaire processen in de kern van de zon, zijn spookdeeltjes. Ze reizen door de aarde, zonder dat wij dit merken. Maar stel dat neutrino’s niet verantwoordelijk zijn, wie of wat speelt er dan met de halfwaardetijd van koolstof-14? Voorlopig blijft dit een onopgelost mysterie.