Een koekoek beschikt over de mogelijkheid om diens eieren 24 uren langer dan nodig in de buik te houden. Dat hebben wetenschappers ontdekt. Dit ‘interne broeden’ biedt de jonge koekoek de mogelijkheid om eerder uit het ei te komen, af te rekenen met de jongen met wie hij het nest deelt en de harten van diens adoptie-ouders te stelen.

Een koekoek is een zogenaamde broedparasiet. Veel koekoeken leggen hun eieren in het nest van andere vogels en laten hun eigen jong door de eigenaren van het nest opvoeden. Zodra het kleintje uit het ei is gekropen werkt deze de eieren die aan zijn adoptie-ouders toebehoren het nest uit.

Voorsprong
Dat verklaart mogelijk waarom de koekoek diens eieren eerst zelf al een beetje uitbroedt. Om in zo’n gastgezin te overleven, moet de koekoek eigenlijk als eerste uit zijn ei komen, want dan kan hij de andere eieren gemakkelijk buiten gooien. “Dat is cruciaal, want dat geeft je een voorsprong,” meent onderzoeker Tim Birkhead.

Absurd?
Onderzoekers vermoeden al langer dat koekoeken iets bijzonders met hun eieren doen. Hun embryo’s zijn in vergelijking met andere jonge vogels van dezelfde leeftijd namelijk veel verder ontwikkeld. Al in 1802 bedacht een wetenschapper dat de koekoek wellicht in zichzelf al aan het broeden sloeg. Dat idee leek absurd en werd vergeten.

Toch wel
“Veel mensen achtten dat extreem onwaarschijnlijk, omdat ze niet dachten dat koekoeken of andere vogels hun eieren in zich konden houden wanneer ze al klaar waren om te leggen. Maar onze resultaten laten zien dat dat wel gebeurt.” Een jonge vogel ontwikkelt zich veel sneller in het warme lichaam van de moeder dan in het nest. De voorsprong die een koekoek in 24 uur kan krijgen, is dan ook flink. Maar ook noodzakelijk.

“Als ze niet langer in de moeder bleven dan zou de jonge koekoek na of tegelijkertijd met de vogels in het gastgezin uit het ei komen. En dan zou de koekoek het nest niet zo gemakkelijk kunnen overnemen en geen alleenrecht op voedsel hebben.”