Een fysicus van de Harvard universiteit heeft een slim plan om het broeikaseffect tegen te gaan: waterbellen toevoegen aan oceanen en zeeën. Door kleine waterbellen in oceanen te pompen, verlaagt de temperatuur van het water, verhoogt de reflectiviteit van het wateroppervlak en daalt de globale temperatuur.

De bellen in turbulent water dragen voor 0,1 procent bij aan de reflectiviteit van de aarde. Wetenschapper Russel Seitz van Harvard denkt dat het handig is om microbellen toe te voegen aan zeeën en oceanen. Door de technologie in schepen te bouwen, zorgen de vaartuigen al varende voor een koelere aarde.

De bellen gedragen zich als kleine spiegels en kaatsen zonlicht gemakkelijk terug de ruimte in. Seitz berekende dat het mogelijk is om de aarde met enkele graden Celsius af te koelen met deze techniek.

Er is één nadeel: bellen blijven niet lang genoeg bestaan om zich te verspreiden. Er zijn dus veel schepen nodig om continu de microbellen in de oceaan te stoppen. Qua energieverbruik valt het gelukkig nog mee. Om de globale temperatuur drie graden te laten dalen is de energie van ongeveer duizend windmolens nodig.

Het pompen van kleine waterbellen in de oceanen is slechts één van de vele ideeën op het gebied van geotechniek. Andere ideeën zijn het toevoegen van kleine deeltjes aan de lucht om de reflectiviteit van de atmosfeer te verhogen en het pompen van duizenden tonnen ijzeroxide in oceanen en zeeën.