Deze week worden in het kader van de wetenschap op verschillende plekken in Nederland theezakjes opgegraven.

De theezakjes zijn drie maanden geleden door scholieren begraven en worden deze week weer boven de grond gehaald. Het is een heel serieus experiment – bedacht door biologen aan de Universiteit Utrecht – dat meer inzicht moet geven in het effect dat het broeikaseffect op de afbraak van plantenmateriaal heeft. “Met simpele middelen kunnen veel goede gegevens verkregen worden,” stelt onderzoeker Judith Sarneel.

Planten en CO2
Planten halen CO2 uit de lucht. Wanneer planten doodgaan, verdwijnt een deel van die CO2 in de bodem. Een ander deel gaat weer terug de lucht in. Hoe snel plantenmateriaal afsterft, is afhankelijk van het klimaat. En met het theezakjes-experiment kan achterhaald worden welk effect het broeikaseffect heeft op de snelheid waarmee plantenmateriaal wordt afgebroken. Hoe dan? Je neemt een aantal theezakjes en weegt deze nauwkeurig. Vervolgens stop je deze in de grond. Bij de helft van de theezakjes creëer je een broeikaseffect door over het theezakje heen een plastic ring te plaatsen (een soort mini-broeikas). Je wacht drie maanden en graaft de theezakjes op. Je laat ze drogen en weegt ze opnieuw. Dan weet je precies hoeveel gram thee in drie maanden tijd is afgebroken en welk effect dat mini-broeikasje daarop heeft.

Heel veel metingen
“Wij verwachten dat in warmere gebieden het effect van een temperatuurverhoging kleiner is dan in koude gebieden,” vertelt Sarneel. “Maar om dat nauwkeurig te kunnen bepalen, moeten we wereldwijd dezelfde metingen verrichten. Dit theezakjes-experiment is hiervoor heel geschikt.”

Dit jaar gaan in Nederland onderbouwleerlingen van 70 middelbare scholen met het experiment aan de slag. En ook in België, Schotland en Oostenrijk zijn scholieren druk met de theezakjes in de weer. Uiteindelijk hopen de onderzoekers zo op 8000 plekken verspreid over de hele wereld het effect van het broeikaseffect op de afbraak van plantenmateriaal vast te stellen. Dergelijk onderzoek biedt handvatten voor beheer en herstel van gebieden en kan tevens gebruikt worden om klimaatmodellen te verbeteren.