De wetenschap is klaar voor de grote uitdaging. Maar die uitdaging verloopt anders dan u zou denken.

Onderzoekers krijgen een steeds beter beeld van DNA en klonen wordt al volop gedaan. Veel experimenten beperken zich tot dieren die vandaag de dag nog op de aarde rondlopen, maar er zijn plannen voor meer. Zo zijn wetenschappers serieus aan het kijken of ze het DNA van de mammoet misschien kunnen gebruiken om het dier te klonen en de soort dus eigenlijk weer tot leven te wekken.

Jurassic Park
Maar hoe zit dat met dinosaurussen? Kunnen zij ook weer tot leven gewekt worden? In andere woorden: wordt Jurassic Park ooit werkelijkheid?

DNA
Om tot klonen over te gaan, moeten onderzoekers eerst DNA van dinosaurussen opsporen. En dat is lastiger dan het klinkt. Tot op heden is er nog geen werkbaar DNA aangetroffen. En al zou er DNA worden gevonden, dan is het waarschijnlijk dat dit al zodanig beschadigd is dat onderzoekers er weinig of niets mee kunnen. De dinosaurus is tenslotte al tientallen miljoenen jaren uitgestorven. De fossiele resten mogen soms dan nog in redelijke staat zijn, het DNA is ver te zoeken. “We zijn niet in staat om te doen wat ze in Jurassic Park deden,” stelt onderzoeker Jack Horner. “We gaan nooit in staat zijn om een dinosaurus te maken op basis van een dinosaurus.”

Vogels
Is daarmee de kous af? Nee. Want de dinosaurus is er niet meer, maar de genen van het dier zijn niet helemaal verdwenen. De dino’s leven eigenlijk voort in de directe afstammelingen van de dinosaurus: vogels. “Vogels zijn levende dinosaurussen,” concludeert Horner. “We hoeven geen dinosaurus te maken, omdat we ze al hebben.”

Waarom de kip?
Wetenschappers die zich bezighouden met het DNA van dinosaurussen wenden zich graag tot de kip. Dat is een logische keuze: het DNA van dit dier is al helemaal in kaart gebracht.

Kip
De genen van de dinosaurussen zitten bijvoorbeeld in kippen. Dat er niet zoveel overeenkomsten tussen een Tyrannosaurus rex en een kip zijn, is niet verwonderlijk: de oude genen ‘slapen’. Dat toonden onderzoekers in 2006 aan met een heel interessante studie. Ze bestudeerden gemuteerde embryo’s van kippen. De embryo’s waren door de mutatie nooit uitgegroeid tot jonge kippen: de mutatie was dodelijk. De onderzoekers ontdekten iets opvallends aan deze embryo’s: in hun snavel bevond zich iets wat leek op tanden. De onderzoekers gaven gezonde embryo’s een virus mee dat dezelfde mutatie veroorzaakte, maar dat ervoor zou zorgen dat de dieren wel in leven zouden blijven. De jonge kippetjes kwamen heelhuids ter wereld, met in hun snavel: tanden. De mutatie had de oude genen weer wakker geschud.

Voorpootjes
Wetenschappers gaan ervan uit dat kippen zelfs de genen hebben om bijvoorbeeld voorpootjes met klauwen eraan en een heuse staart te ontwikkelen. Wat dan ontstaat, daar is eigenlijk nog geen woord voor uitgevonden. Maar als we het dan toch een naam moeten geven: dinokip of kipposaurus?

Een kip. Foto: Ben Lancaster (cc via Flickr.com).

Wanneer?
Hoelang zou het nog duren voordat we eenmaal zover zijn? Horner is optimistisch. Zodra wetenschappers de genen hebben gevonden die ervoor zorgen dat de kip zo weinig wegheeft van een dinosaurus kunnen deze uitgeschakeld of aangepast worden. En zo ‘bouwen’ ze stukje bij beetje een kip met eigenschappen van een dinosaurus. Volgens Horner kan het binnen een paar jaar al gebeurd zijn.

Maar waarom zouden we dat willen? Er zijn meerdere goede argumenten voor te geven. Zo kan de dinokip ons meer leren over de dinosaurus en mogelijk meer vertellen over hoe de dinosaurus uiteindelijk uitgroeide tot de vogels van nu. En dat allemaal op een relatief veilige manier: de kip is namelijk een stuk minder angstaangjagend dan de T. rex die de onderzoekers in Jurassic Park creëren. Tenzij de onderzoekers natuurlijk straks ook de genen van diverse reptielen erbij halen en zo iets ontwikkelen wat toch steeds meer op die Jurassic Park-achtige omstandigheden begint te lijken. Maar dat is nog ver weg. Voor sommigen een opluchting. Voor anderen een teleurstelling.