Reizen naar het jaar 3000, zelfbewuste robots maken, een retourtje Mars boeken of emigreren naar andere planeten: kan het in de toekomst? Misschien wel!

George van Hal analyseert in zijn boek Robots, aliens en popcorn allerlei wetenschappelijke ‘voorspellingen’ uit films van de toekomst. Elke soort robot, ruimteschip en vorm van tijdreizen onderwierp hij aan zijn kritische blik en tal van wetenschappelijke onderzoeken en conclusies. Welke ‘voorspellingen’ werkelijkheid kunnen worden, vertelde hij aan Scientias.nl.

Robots met bewustzijn
Drie keer in de week zuigt een robot de vloer van wetenschapsjournalist George van Hal. In fabrieken zetten robots al onze auto’s in elkaar. Handige snufjes, maar nog niet de robots die we zien in films zoals Ex Machina en I Robot. “Ik hoop dat we die intelligente, zelfbewuste robots ooit gaan bouwen,” zegt Van Hal. “Maar of dat kan valt of staat met de vraag of we ooit de bewustzijnspuzzel kunnen oplossen.”

“We bestaan zelf uit biologische machinerie, dus blijkbaar is het mogelijk.”

Het robottijdperk kan ons angst aanjagen. Films zoals I Robot en Ex Machina eindigen vaak niet zo best, althans niet voor de mens. Robots zetten door hun bewustzijn de overleving op de eerste plek. De mens laat de robots in films maar koud. “Als je zelfbewuste robots maakt die autonoom kunnen handelen, moet je ze inderdaad wel een geweten of moreel besef meegeven. Hoe we zoiets moeten programmeren is absoluut nog niet duidelijk, maar hoe je überhaupt zelfbewustzijn bouwt, snappen we net zo min.” Toch gelooft Van Hal dat het mogelijk is om intelligente, zelfbewuste robots te maken. “Wij zijn zelf zelfbewust en wij bestaan uit biologische machinerie, dus het moet mogelijk zijn.”

“Of ik er zelf een in huis zou halen? Dat ligt eraan. Als zelfbewuste robots in de toekomst gewoon een soort metalen mensen blijken, is de vraag ook meteen of er nog sprake kan zijn van ‘in huis halen’. Als robots net zoals mensen zijn, hebben ze immers ook rechten. Tot die tijd, zolang robots gewoon handige machines zijn zónder zelfbewustzijn, wil ik ze zeker hebben. Graag zelfs!” Van Hal ziet het liefst zo snel mogelijk de thuiszorgrobots in de winkels verschijnen. Waar nu zijn robotstofzuiger rond rolt, wil hij later als oude, grijze man een robot die hem kan helpen koken, schoonmaken en helpen herinneren aan zijn medicatie inname. “Net als in bijvoorbeeld de film Robot & Frank. De eerste rudimentaire versies van dergelijke robots bestaan al en hopelijk worden ze vanaf nu alleen maar beter.”

Op vakantie in de ruimte
Tot we geholpen worden door robots, moeten we het doen met onze vakanties om tot rust te komen. In de toekomst gaan we misschien wel op vakantie in de ruimte. We zijn al naar de maan geweest en een onbemande sonde zoals Voyager 1 heeft zelfs al de grenzen van ons zonnestelsel verlaten.

“Verschillende bedrijven werken aan commerciële ruimteschepen voor toerisme.”

“Op vakantie naar de ruimte – de bovenste schil van onze dampkring, bijvoorbeeld – is letterlijk en figuurlijk niet zover weg. De eerste ruimtetoeristen zijn al naar het internationale ruimtestation ISS geweest, en verschillende bedrijven werken aan commerciële ruimteschepen voor toerisme,” vertelt Van Hal. Het kan dus, al is het – nu nog – een duur grapje. Desondanks blijft wanneer we op vakantie kunnen naar een planeet zoals Mars nog een vraagstuk. “Heen is niet zo moeilijk – dat zou technisch nu al mogelijk zijn,” zegt Van Hal. “Maar weer terug naar de Aarde vliegen is enorm lastig. Je moet dan op die planeet een lanceerinstallatie bouwen. Daarom richt een initiatief als Mars One zich ook op een enkeltje Mars. Wanneer een retourtje mogelijk is, kan niemand je nog vertellen.”

Is teletransportatie dan ook mogelijk in de ruimte?
“Quantumteleportatie, waarbij de eigenschappen van één deeltje ‘geteleporteerd’ worden, bestaat. Helaas laten onze natuurwetten – voor zover we nu weten – het niet toe om ons hele lichaam te teleporteren zoals in Star Trek,” aldus Van Hal.

De ruimte in gaan is niet zo moeilijk, stelt Van Hal. ”Maar als je binnen een beetje redelijke tijd –een mensenleven bijvoorbeeld –heel verre bestemmingen in de ruimte wilt bereiken, is tijd een belangrijke kwestie,” zegt de wetenschapsjournalist. “We moeten weten hoe lang het duurt voordat je ergens bent, maar ook hoeveel tijd er voorbij gaat op aarde. Dat is namelijk niet gelijk wanneer je vliegt met hoge snelheid, blijkt uit de relativiteitstheorie van Einstein.” De tijd gaat langzamer naarmate je sneller beweegt. “Als je met de lichtsnelheid beweegt, staat de tijd zelfs stil,” vertelt Van Hal. Zo kun je in relatief korte tijd hele verre ruimtereizen maken, maar tegelijkertijd tikt de tijd op Aarde op een veel hoger tempo door.

Reizen naar andere planeten
Als we naar andere planeten gaan reizen, gebeurt dit misschien wel op lichtkracht, volgens Van Hal. “Dat werkt net zoals zeilen op aarde. Daar knallen luchtdeeltjes tegen je zeil en duwen je voort, bij zeilen op lichtkracht doen lichtdeeltjes, fotonen, hetzelfde. Dit blijkt al te werken.” Van Hal benoemt satellieten die met lichtzeilen rondom de aarde draaien. “Het gaat alleen nog niet zo hard.” Toch zien we in SF-films maar met mondjesmaat lichtzeilschepen door de ruimte ‘vliegen’. “Misschien is het te onbekend bij scriptschrijvers of vinden ze het in vergelijking met motoren waar vuur of spectaculaire lichten uitkomen, wat minder ‘sexy’.”

In het boek Robots, aliens en popcorn geeft Van Hal aan dat naast vliegen op lichtkracht in theorie ook mogelijk is om te vliegen op kernbomkracht. “Het klinkt niet veilig, maar het is technisch wel veelbelovend,” vertelt Van Hal. “Een kernexplosie veroorzaakt door zo’n ruimteschip op aarde of in de bovenste dampring, zou echter catastrofaal zijn. Een kernexplosie in de ruimte is minder een probleem, al loopt het dan natuurlijk niet goed af voor de inzittenden van het ruimteschip… Maar dat geldt ook als een traditionele motor in de ruimte ontploft.”

“We kunnen handig een vaartuig lanceren en onderweg gebruik maken van de zwaartekracht van andere hemellichamen”

Stel, we vliegen in de toekomst naar planeten rond andere sterren, op lichtjaren afstand. Hoe overleven we die reis? Moeten we ons laten invriezen, onze veroudering stilzetten of er genoegen mee nemen dat we oud en verschrompeld de bestemming bereiken? “Onze veroudering ‘even stilzetten’ met een chipje in ons brein, is meer sciencefiction dan reizen naar andere planeten. Dat kan niemand, en zal vermoedelijk ook nooit kunnen. Mensen invriezen om lange reizen te overwinnen kan ooit misschien wel, al is dat niet ‘invriezen’ maar meer in een soort winterslaap brengen.” Voor dat laatste worden dan ook de eerste stappen al gezet, waarover je kunt lezen in het boek van Van Hal. 

Wie weet kun je in de toekomst zelfs naar planeten buiten ons eigen zonnestelsel emigreren. De planeet Gliese 581d bijvoorbeeld!

De mogelijkheden voor verre reizen zijn dus in de maak. En als we niet zo ver gaan – en het bij ons eigen zonnestelsel houden – zijn de tijdsduren van de ruimtereisjes nog wel te overzien. “We kunnen, net zoals de robotkarretjes die we naar Mars sturen, een vaartuig handig lanceren en onderweg gebruik maken van de zwaartekracht van andere hemellichamen. Een reisje naar Mars duurt dan ongeveer een halfjaar.”

Tijdreizen
Wil je niet wachten tot het eindelijk zover is dat we met onze eigen huishoudelijke robot naar een andere, wellicht mooiere, planeet kunnen verhuizen, dan kun je overwegen om een tijdreisje te maken. “Tijdreizen kan en doen we al elke dag,“ vertelt Van Hal. “Doordat tijd en ruimte samenhangen, kun je door heel snel te bewegen ervoor zorgen dat de tijd voor jou anders loopt dan voor iemand die stilstaat. Zo kom je na een reis met een vliegtuig een heel klein beetje in de toekomst terecht. Na een reis met een supersnel ruimteschip is dat effect nog veel groter.” Simpel gezegd kunnen we dus naar de toekomst gaan door heel snel te vliegen. Maar hoe bouw je een tijdreismachine die niet alleen naar de toekomst, maar ook naar het verleden kan? “Een speculatieve optie is een wormgat bouwen, of vinden, waarvan de in- en uitgang niet in dezelfde tijd zitten. Al kun je je hiervan afvragen of het ooit zal gebeuren,” zegt Van Hal. “Echter, de fysica sluit het ook niet uit. We kunnen voorlopig dus nog altijd erover wegdromen, mijmerend over wat voor toffe en bizarre dingen in de toekomst misschien ooit mogelijk zullen zijn.”