Waar lactosetolerante Europeanen 3200 jaar geleden nog zeldzaam waren, zijn ze anno 2020 ruimschoots in de meerderheid.

Voor veel Europeanen is het vandaag de dag vanzelfsprekend dat ze zonder daar darmklachten aan over te houden, melkproducten kunnen nuttigen, oftewel lactosetolerant zijn. Maar dat was in het verleden wel anders; oorspronkelijk waren mensen – net als andere zoogdieren – alleen op jonge leeftijd lactosetolerant en naarmate ze ouder werden steeds minder goed in staat om melksuiker te verteren. Ergens in onze evolutionaire geschiedenis is het tij echter gekeerd en inmiddels is in het moderne Europa tot wel 90 procent van de mensen lactosetolerant.

Snelle transformatie
Een nieuw onderzoek onthult nu dat deze transformatie verbazingwekkend snel is verlopen. Genetisch onderzoek wijst namelijk uit dat lactosetolerantie zo’n 4000 jaar geleden nog maar weinig onder Europeanen voorkwam. Het betekent dat deze eigenschap zich in slechts een paar duizend jaar tijd over Europa verspreid heeft. En daarmee hebben we hier – zeker in vergelijking met andere evolutionaire veranderingen die onze soort heeft ondergaan – te maken met een uitzonderlijk snelle transformatie, zo stellen de onderzoekers in het blad Current Biology.


De wetenschappers trekken die conclusie nadat ze de botten bestudeerden van mensen die rond 1200 voor Christus om het leven kwamen tijdens een gevecht langs de oever van de Tollense, een rivier in hedendaags Duitsland. Naar schatting waren bij de strijd zo’n 4000 mensen betrokken, waarvan ongeveer een kwart het leven liet. Hoewel deze mensen duizenden jaren geleden leefden en stierven, slaagden de onderzoekers erin om genetisch onderzoek uit te voeren op de botten van een aantal strijders. En zo ontdekten ze dat slechts 1 op de 8 strijders over een genetische variant beschikten die ze in staat stelden om lactose af te breken.

Landbouw
Het is verrassend dat lactosetolerante individuen in die tijd zo zeldzaam waren, zo stellen de onderzoekers. De strijders leefden zo’n 4000 jaar nadat men ook in Europa de overstap had gemaakt van jagen en verzamelen naar landbouw bedrijven. En aangenomen wordt dat het bedrijven van landbouw – en dus ook het houden van melkproducerende dieren zoals koeien, geiten en schapen – mensen aanzette tot het consumeren van hun melk en de verspreiding van de genvariant die het verteren van melksuiker mogelijk maakte, een impuls gaf. Je zou dan ook misschien verwachten dat een groter deel van de mensen rond 1200 voor Christus reeds lactosetolerant was.

“Dit is het sterkste bewijs voor natuurlijke selectie onder mensen dat we tot op heden hebben”

Wat het onderzoek daarnaast heel verrassend aantoont, is dat lactosetolerantie in de eeuwen na 1200 voor Christus wel heel snel terrein won. “Wanneer je kijkt naar andere Europese genetische data uit het begin van de Middeleeuwen – nog geen 2000 jaar later – dan zie je dat meer dan 60 procent van de mensen als volwassenen in staat waren om melk te drinken,” stelt onderzoeker Krishna Veeramah. “Dat komt in de buurt bij wat we in moderne Centraal-Europese landen zien, waar tussen de 70 en 90 procent van de mensen lactosetolerant zijn.”


Natuurlijke selectie
Dat de genvariant die mensen in staat stelde om melk te drinken zich zo snel verspreidde, wijst erop dat de mensen die deze genvariant bezaten, linksom of rechtsom meer kinderen – met dezelfde genvariant – kregen dan mensen die als volwassenen niet in staat waren om melk te drinken. Alleen zo kunnen mensen met de genvariant immers in de meerderheid zijn geraakt. “We stellen dat lactosetolerante individuen in de afgelopen 3000 jaar meer kinderen hadden of dat hun kinderen betere overlevingskansen hadden dan die van mensen zonder deze genvariant,” stelt onderzoeker Joachim Burger. Heel concreet blijken lactosetolerante individuen in elke generatie een 6 procent grotere kans te hebben om een leeftijd te bereiken waarop ze zelf ook weer in staat zijn om kinderen te krijgen, dan individuen die lactose-intolerant zijn. “Dit is het sterkste bewijs voor natuurlijke selectie onder mensen dat we tot op heden hebben,” stelt Veeramah.

Natuurlijke selectie is de drijvende kracht achter evolutie; wanneer een bepaalde eigenschap de overlevings- en voortplantingskansen vergroot, mag je verwachten dat deze eigenschap zich verspreidt. Onduidelijk blijft echter waarom het voor vroegere Europeanen nu precies zo voordelig was om ook als volwassenen in staat te zijn melk te drinken. Onderzoekers hebben er echter wel ideeën over. “Melk is een energierijk, relatief onbesmet drankje dat mogelijk betere overlevingskansen bood wanneer er sprake was van een tekort aan voedsel of wanneer drinkwater besmet was,” stelt Burger. Zeker jonge kinderen die net van de borst af waren, zouden wanneer ze in staat waren om melk van andere dieren te drinken, aanzienlijk betere overlevingskansen hebben gehad dan kinderen die enkel afhankelijk waren van drinkwater.