In veel huishoudens wordt een belangrijk deel van de energierekening bepaald door overmatig gebruik van lampen. Een handige uitvinding van het Massachusetts Institute of Technology maakt daar nu een einde aan. De wetenschappers ontwikkelden een klein systeem dat meet hoeveel licht nodig is. Met die informatie in het achterhoofd schakelt het systeem de LED-lampen in.

LED-lampen zijn de meest efficiënte lampen die totnogtoe voor handen zijn. De lampen zijn namelijk nauwkeurig in te stellen: elk niveau van lichtintensiteit is mogelijk.

Sensor
Het systeem van de wetenschappers is ongeveer net zo groot als een visitekaartje en heeft enkele sensoren. Deze meten de intensiteit van het licht dat voorhanden is. Bijvoorbeeld het daglicht of het licht dat van monitors komt. Vervolgens stemt het systeem de LED’s daarop af: hij dimt ze wat of zet ze juist iets feller.

Infrarood
Op dit moment is de kaart nog via bedrading met de lampen verbonden, maar de onderzoekers denken dat het mogelijk is om de communicatie tussen het systeem en lampen draadloos – via infraroodstraling – te kunnen laten verlopen.

Dankzij het systeem branden de lampen nooit meer zonder dat daar reden voor is. En dat scheelt flink, zo blijkt uit de eerste experimenten. Volgens de onderzoekers wordt het energieverbruik van lampen door dit systeem met zo’n 65 tot 90 procent verminderd. En daar komen de energiezuinige LED’s dan nog eens bovenop.