De diagnose zou kunnen verklaren waarom zoveel werken van Da Vinci onvoltooid bleven.

Leonardo Da Vinci had reeds als kind grote moeite om zich op één taak te concentreren. En ook toen hij al volwassen was, begon hij maar al te vaak aan een nieuw meesterwerk terwijl een ander meesterwerk nog op voltooiing wachtte. Daarnaast sliep de beroemde uomo universale heel weinig; hij werkte vaak dag en nacht en deed tussendoor slechts enkele korte dutjes. Bovendien vertoonde hij bijzonder vaak uitstelgedrag en dwaalden zijn gedachten voortdurend af.

ADHD
In het blad BRAIN stelt onderzoeker Marco Catani nu dat het gedrag van Da Vinci – dat door meerdere tijdgenoten, waaronder opdrachtgevers zoals paus Leo X beschreven is – goed te verklaren is. Het gedrag van Da Vinci wijst er volgens Catani op dat de kunstenaar ADHD had. “Hoewel het onmogelijk is om een diagnose te stellen bij iemand die 500 jaar geleden leefde, ben ik ervan overtuigd dat ADHD de meest overtuigende en wetenschappelijk gezien passende hypothese is die verklaren kan waarom Leonardo zo’n moeite had om zijn werk af te maken,” aldus Catani. “Historische bronnen laten zien dat Leonardo heel veel tijd besteedde aan het plannen van projecten, maar doorzettingsvermogen miste.”


Creativiteit
ADHD zou Da Vinci in zekere zin gehinderd hebben. Zo maakte de kunstenaar verschillende kunstwerken nooit af en bleven er heel veel ideeën op de tekentafel liggen. Maar tegelijkertijd zou het ook zomaar kunnen dat al die onvoltooide ideeën zonder ADHD überhaupt nooit zouden zijn ontstaan. Catani wijst erop dat ADHD verschillende positieve effecten kan hebben. Zo kan het afdwalen van de gedachten de drijvende kracht zijn achter creativiteit.

Hoewel dus niet met zekerheid te zeggen is dat Da Vinci ADHD had, valt ook zeker niet uit te sluiten dat Da Vinci aan de aandachtstekort-hyperactiviteitstoornis leed. Catani hoopt ergens dat de hypothese ervoor zal zorgen dat mensen anders naar ADHD gaan kijken. “Er is een hardnekkige misvatting dat ADHD voorkomt bij kinderen die zich misdragen, niet zo intelligent zijn en voorbestemd zijn voor een moeilijk leven. Maar de meeste volwassenen die ik behandel waren heel slimme, intuïtieve kinderen die later in hun leven angsten en depressieve klachten ontwikkelen, omdat ze zich niet volledig hebben kunnen ontplooien. Het is ongelofelijk dat Leonardo zichzelf zag als iemand die gefaald had in het leven. Ik hoop dat de casus van Leonardo laat zien dat ADHD niet samenhangt met een laag IQ of een gebrek aan creativiteit, maar eerder met natuurlijk talent dat lastig te benutten is.”