Er gloort hoop aan de horizon voor de uitgestorven wolharige mammoet. Japanse wetenschappers hebben een doorbraak bereikt in hun studie naar klonen en beweren in staat te zijn om de mammoet binnen een jaar of vijf tot leven te wekken. Ze halen daarvoor celkernen uit de stoffelijke resten van mammoeten. Een Afrikaanse olifant zou de draagmoeder moeten worden.

De afgelopen jaren zijn een aantal redelijk intacte mammoets gevonden. Zo’n twintig jaar geleden dachten onderzoekers het dier al te kunnen klonen door celkernen uit de restanten te halen. Maar dat mislukte. De kou waarin de stoffelijke resten jaren hadden vertoefd, had de cellen zeer zwaar beschadigd.

Muis
De Japanse wetenschappers denken nu toch in staat te zijn om de beschadigde cellen te gebruiken. Ze oefenden al met een muis die zo’n zestien jaar ingevroren had gezeten. Dat project is geslaagd en dus zijn de onderzoekers hoopvol dat ze ook de cellen van de mammoet kunnen gaan gebruiken. “Nu de technische hindernissen zijn overwonnen, hebben we alleen nog een goed stukje zacht weefsel nodig,” vertelt onderzoeker Akira Iritani.

Olifant
De onderzoeker denkt nog zo’n twee jaar nodig te hebben om de eerste celkernen uit de mammoet te halen en in de eicellen van een Afrikaanse olifant te plaatsen. Als alles goed gaat, duurt het nog zo’n 600 dagen voordat de olifant van de mammoet bevalt.

“Het succespercentage in het klonen van vee was tot voor kort laag, maar is nu zo’n dertig procent. Ik denk dat we een redelijke kans op succes hebben en er binnen vier of vijf jaar een gezonde mammoet geboren kan worden.”