Het is ongelofelijk hoeveel trucs bedrijven, wetenschappers en overheden tot hun beschikking hebben om statistieken te manipuleren. Scientias.nl komt met tien tips om mensen te bedonderen. Gebruik deze tips om frauderende onderzoekers te ontmaskeren.

#1 Verberg de grafiek
Haal geen oude koeien uit de sloot. Verberg gewoon een deel van een grafiek. Stel, je verkoopt televisies. De eerste grafiek laat zien dat het ooit erg goed ging met de televisieverkoop, dat de verkoop daarna kelderde en nu weer een beetje opkrabbelt. Wil je scoren? Verberg dan het gedeelte voor de verticale blauw streep. Je houdt dan enkel de stijgende lijn over, wat zich natuurlijk uitermate goed leent voor een persbericht. Zie je de kop van het artikel al voor je? “Televisieverkoop breekt alle records”. Partijdige wetenschappers gebruiken deze techniek om zaken uit het verleden te verbergen. Zo laten statistieken van de afgelopen honderd jaar zien dat het nog nooit zo warm was op aarde als nu. Maar wie verder kijkt in het verleden ziet dat het tienduizenden jaren geleden warmer was dan nu.

#2 Appels met peren vergelijken
Appels en peren? Vergelijk ze gewoon met elkaar als het u uitkomt! Twee ziekenhuizen – laten we ze het Appel Ziekenhuis en het Peer Ziekenhuis noemen – worden getest door een onderzoekspanel. Wat blijkt: in het Appel Ziekenhuis sterft 6% van alle patiënten, terwijl in het Peer Ziekenhuis 12% van alle patiënten overlijdt. Het Appel Ziekenhuis pakt uit en publiceert een positief persbericht. Maar wat blijkt: het Appel Ziekenhuis is een regionaal ziekenhuis, terwijl het Peer Ziekenhuis een landelijk ziekenhuis is. Het Appel Ziekenhuis heeft niet de faciliteiten om terminale patiënten te helpen en die worden doorgestuurd naar het Peer Ziekenhuis. Het gevolg: het Peer Ziekenhuis krijgt patiënten die zieker zijn en een grotere kans hebben om te overlijden. Het is dus niet eerlijk om te stellen dat het Appel Ziekenhuis beter is voor patiënten. Het is simpelweg appels met peren vergelijken.

#3 Een kant van de zaak
Waar heb jij het meeste baat bij: de ene of de andere kant van de zaak? Je kunt altijd je eigen kant kiezen en zo de algemene beeldvorming beïnvloeden. In de krant staat het volgende bericht: “45 procent van de auto-ongelukken wordt veroorzaakt door dronken bestuurders”. Hoewel dit natuurlijk heel erg is, staat er niet bij vermeld dat 55% van de auto-ongelukken veroorzaakt wordt door nuchtere chauffeurs. Of: “tien procent van de criminelen is allochtoon”. Dat betekent dat negentig procent autochtoon is, maar dat wordt niet genoemd.

#4 Neem het gemiddelde
Het gemiddelde is vaak misleidender dan de mediaan. In de krant staat dat een medewerker van Amnesty International gemiddeld 100.000 euro per jaar verdient. Maar wat blijkt: de directeur verdient 1.500.000 euro, terwijl de twintig andere medewerkers moeten leven van een hongerloontje. Wie het gemiddelde neemt, denkt dat iedereen bij Amnesty International goed verdient, terwijl de waarheid anders is. Wie eerlijk is, vermeld de mediaan. De mediaan is het middelste getal. Dus stel: vijf personen verdienen respectievelijk 10.000, 15.000, 25.000, 100.000 en 1.000.000 euro, dan is de mediaan in dit geval 25.000 euro. Het gemiddelde is 230.000 euro.

#5 Klein, kleiner, kleinst
Hoe kleiner het testpubliek, hoe minder accuraat de uitkomst. Misschien wel in jouw voordeel. Stel, je werpt zes keer een munt op, dan is het mogelijk dat je vijf keer kop krijgt en één keer munt. Betekent dit dat de kans 16 procent is dat een kop-of-munt-worp resulteert in munt? Natuurlijk niet! Hoe vaker je een munt opgooit, hoe accurater het resultaat is. Als het goed is, naderen beide kampen na vele worpen de 50 procent. In een goed onderzoek wordt gebruik gemaakt van een grote doelgroep. Wie een te kleine doelgroep neemt krijgt een te positieve uitslag of een te negatieve uitslag. Daarom wordt altijd gestreefd naar statistische significantie. Significantie is een term waarmee wordt aangegeven of een waargenomen effect wel of niet door toeval is ontstaan.

#6 Vage cijfers doen het altijd goed
Stel, je verkoopt printers. De nieuwste printer verbruikt tien procent meer inkt dan het vorige type. Maar in vergelijking met printers uit de jaren tachtig verbruikt dit nieuwste type printer 22 procent minder inkt. U kunt er dan voor kiezen om deze printer te promoten met de tekst ‘Deze printer verbruikt 22% minder inkt’. Mensen zullen denken: “Hé, dat is weinig.” De zin die je gebruikt is natuurlijk extreem vaag, maar mensen zullen het als zoete koek slikken.

#7 Kies voor een stijgende lijn
Herinner je nog de eerste tip over de grafiek iets versmallen? Dit kan ook op de andere as van de grafiek. Stel, jouw omzet is gestegen van 43.000 euro in 2012 naar 47.000 euro in 2014, dan kun je natuurlijk een schaal gebruiken van 0 tot 50.000 euro. Het eindresultaat is een zwakke stijgende lijn. Wil je een scherpe, stijgende lijn? Neem dan een schaal van 42.000 tot 48.000. Succes verzekerd!

#8 Percentagepunten of percentages
Een ingewikkelde casus deze keer. Een fabrikant verkocht 52 stereo’s in april, waarvan 33 (of 63 procent) kapot zijn. Van alle stereo’s van alle fabrikanten bleek in april 35 procent kapot te zijn. De fabrikant beweert dat zijn percentage slechts 28 procent boven de rest van de industrie ligt. Dit klopt niet. Het is 28 percentagepunten hoger, niet 28 procent hoger. De basis hier is 35, niet 100. Om het verschil in percentage te berekenen moet 28 gedeeld worden door 35 en dan keer 100. Het blijkt dat de fabrikant 80 procent meer kapotte stereo’s heeft verkocht dan de rest van de industrie.

#9 Manipuleer de vragen
Steun jij België in de poging om Nederland te bevrijden en er democratie te brengen? Of steun jij de onaangekondigde militaire actie van België? Twee dezelfde vragen; twee andere invalshoeken. Vragen zijn gemakkelijk te manipuleren. Het is heel moeilijk om een volledig neutrale vraag te stellen. Onderzoekers kunnen met de tone-of-voice van een vraag spelen en zo proefpersonen beïnvloeden, waardoor uiteindelijk verschillen in de statistieken optreden.

#10 Seizoensgebonden vragen
ijsjeNog zo’n leuke conclusie: “80% van de mensen draagt het liefst een zwembroek op zijn werk”. Laat de vraag ‘wil je een zwembroek dragen op het werk’ nu net gevraagd zijn op een bloedhete dag. Kortom, de vraag is seizoensgebonden. De juiste conclusie is: “Als het heel warm is, wil 80% het liefst een zwembroek dragen op zijn werk.” Wil je dat mensen jouw ijsjes lekker vinden? Zorg ervoor dat je de test uitvoert op een warme dag en niet in het midden van de winter. Maak gebruik van het seizoen!

Er zijn nog vele andere manieren om statistieken te bedriegen. Weet jij een leuke? Plaats deze hieronder als reactie!