Het massagraf vertelt het trieste verhaal van de slavenhandel die in de 19e eeuw in de Middenpassage plaatsvond.

De onderzoekers deden hun ontdekking tijdens opgravingen. Deze opgravingen vonden plaats vanwege de bouw van een nieuw vliegveld op het eiland. De ontdekking geeft nieuw inzicht in de slavenhandel op de Atlantische zee.

Massagraf
Het graf werd ontdekt en onderzocht tussen 2006 en 2008. Er werden 325 lichamen gevonden, waaronder vijf kisten met daarin de lichamelijke overschotten van een volwassene en vier kinderen. De onderzoekers van het Department of Archaeology and Anthropology aan de University of Bristol hebben nu, onder leiding van Dr. Andrew Pearson, een rapport geschreven over hun bevindingen. Zo blijkt dat 83 procent van de lichamen aan kinderen, tieners of jongvolwassenen toebehoort. Dit is geen verrassing, want vooral de jeugd werd gevangen genomen als slaaf, vanwege hun vitaliteit. De doodsoorzaak is van velen niet bekend, maar aannemelijk is dat velen stierven aan ziektes als pokken, uitdroging en dysenterie. Een aantal lichamen vertoont sporen van geweld en twee oudere kinderen lijken beschoten te zijn.

Van links naar rechts: een armband, kralen en een metalen etiket. Bron: Bristol University

Bezittingen
De archeologen hebben ieder lichaam onderzocht. Zij kwamen tot de conclusie dat de slaven een rijke cultuur hadden en een sterk gevoel van persoonlijke identiteit. Zo hadden velen veranderingen aangebracht aan hun gebit: er werd bijvoorbeeld in de voortanden gesneden. Een aantal slaven waren er in geslaagd om hun sieraden, voornamelijk kralen en armbanden, te behouden. Dit is bijzonder, want de meeste slaven werden ontdaan van al hun bezittingen. Ook vond het team linten en metalen etiketten die werden gebruikt om een slaaf te identificeren.

Middenpassage
De Middenpassage was een route in de Driehoekshandel over de Atlantische Oceaan. Over deze route werden vele Afrikanen naar slavenmarkten in Noord-Amerika, Zuid-Amerika en de Caraïben gebracht. Hier werden zij vervolgens verhandeld voor goederen. Tussen 1840 en 1872 werden ongeveer 26.000 bevrijde slaven naar een opvangcentrum genaamd Rupert’s Bay in Sint-Helena gebracht. Zij waren eerder gevangen genomen door de koninklijke marine van het Verenigd Koninkrijk. Door de slechte condities aan boord van het schip overleefden velen de tocht niet. Ook de condities in het opvangcentrum waren slecht. Naar schatting liggen er meer dan 5.000 slaven op de plek begraven.

Het onderzoek is bijzonder want de meeste studies naar slavernij hebben te maken met enorme getallen en een onpersoonlijke aanpak, waarbij niet gekeken wordt naar individuen. Onderzoeker Mark Horton voegt hier aan toe: “Hier bekeken wij de slachtoffer van de Middenpassage – een van de grootste misdaden tegen de mensheid – niet als nummers, maar als mensen.” Sommige resten vertellen volgens Horton één van de meest ontroerende verhalen die hij in zijn archeologische carrière heeft gehoord.