ASTRONOMIE  Ook massieve sterren hebben planeten. Dit blijkt uit een nieuw onderzoek. Toch focussen de meeste studies zich op zonachtige sterren. De vraag is eigenlijk: waarom? Misschien wel omdat planeten bij zonachtige sterren meer kans krijgen om te vormen, en dat de kans op buitenaards leven groter is.

Met de Spitzer ruimtetelescoop keken astronomen naar het stervormingsgebied W5. Dit gebied met hete sterren is 6.500 lichtjaar van de aarde verwijderd en ligt in het sterrenbeeld Cassiopeia. Spitzer en de Two Micron All-Sky Survey zochten naar bewijs van protoplanetaire schijven rondom zware sterren, die twee tot vijftien keer zo zwaar zijn als de zon. Protoplanetaire schijven zijn stoffige schijven, waarin planeten ontstaan. Ook de aarde is ooit ontstaan in een protoplanetaire schijf.

Van de 500 sterren had tien procent een stofschijf. De stofschijven van vijftien sterren waren in het centrum ‘leeg’. Een signaal dat een grote Jupiterachtige gasplaneet het gas gebruikt om te vormen. “De zwaartekracht van een Jupiterachtig object kan met gemak een strook van tien tot twintig astronomische eenheden (tien tot twintig keer de afstand aarde-zon, red.) opzuigen”, vertelt Lori Allen van het National Optical Astronomy observatorium. “Dit is wat wij zien bij vijftien sterren.”

Toch is vijftien van de 500 geen hele hoge score. Dit komt omdat planeten meer moeite hebben om te vormen bij een massieve ster, dan bij een zonachtige ster. Massieve sterren produceren meer straling, waardoor een eventuele stofschijf sneller wordt weggeveegd.

Intelligent leven treffen we waarschijnlijk niet aan. De massieve sterren leven tien tot 500 mijloen jaar. Veel te kort om intelligent leven te ontwikkelen. Op aarde duurde het 3,5 miljard jaar voordat de ontwikkeling van leven een beetje op gang kwam. Planeten in W5 krijgen deze kans niet.


Een exoxplaneet verzamelt materie in een protoplanetaire schijf.