kaart12

Astronomen hebben met behulp van de Planck- en Herschel-telescoop maar liefst meer dan 200 stokoude kandidaat-protoclusters opgespoord. De protoclusters kunnen meer inzicht geven in hoe clusters ontstaan en groeien.

Planck spotte de protoclusters als eerste. Herschel bekeek ze in detail en bevestigde vervolgens de ontdekking van Planck. En daarmee hadden de twee telescopen enkele van de oudste kandidaat-protoclusters in het verre universum ontdekt. Het zijn mogelijk de voorlopers van de grote, volwassen clusters die we vandaag de dag in het universum aantreffen.

Terug in de tijd
De protoclusters bevinden zich op ongeveer 10 tot 11 miljard lichtjaar van de aarde. Dat betekent dat hun licht er miljarden jaren over gedaan heeft om ons te bereiken en we de clusters dus zien zoals deze er miljarden jaren geleden uitzagen. In feite gunnen Planck en Herschel ons dus een kijkje terug in de tijd. Gehoopt wordt dan ook dat het onderzoek ons een beeld kan geven van hoe grote clusters in die tijd ontstonden en groeiden.

Kaart
De kaart die Planck van het heelal maakte. De streep die je in het midden ziet, is stof in ons eigen Melkwegstelsel.

Ontstaan
Sterren en sterrenstelsels ontstonden al vroeg in de historie van het universum. Maar pas veel later gingen verschillende sterrenstelsels samen grote clusters vormen. Zodra zo’n cluster ontstaat, storten grote hoeveelheden materie onder invloed van de zwaartekracht ineen waardoor nieuwe sterren en sterrenstelsels kunnen ontstaan. Maar hoe deze grote clusters uiteindelijk samengesteld werden en groeiden, is nog altijd onduidelijk.

Uit de waarnemingen van Herschel blijkt verder dat de jonge sterrenstelsels die samen de protoclusters vormen druk bezig zijn om sterren te produceren. De sterren die jaarlijks in de sterrenstelsels ontstaan hebben samen een massa die enkele honderden tot 1500 keer groter is dan de massa van de zon. Ter vergelijking: alle sterren die jaarlijks in ons sterrenstelsel geproduceerd worden, hebben samen een massa die vergelijkbaar is met één zonsmassa. “Het vinden van zoveel sterren vormende sterrenstelsels in zulke geconcentreerde groepen was een enorme verrassing,” vertelt onderzoeker Hervé Dole. “We denken dat dit het missende puzzelstukje is als het gaat om de totstandkoming van clusters.”