filtervoeder

Wetenschappers hebben één van de grootste geleedpotigen ooit ontdekt. Het meer dan twee meter lange dier leefde zo’n 480 miljoen jaar geleden en moet toen zo ongeveer het grootste organisme op aarde zijn geweest.

De onderzoekers ontdekten de resten van de geleedpotige in het zuidoosten van Marokko. Ze hebben het organisme de naam Aegirocassis benmoulae gegeven. Het dier leefde in het water en moet in die tijd het grootste organisme op aarde zijn geweest.

Filtervoeder
A. benmoulae was een filtervoeder: hij at dus voornamelijk planton. “Gigantische filtervoeders zoals haaien en walvissen ontstonden in een tijd waarin de diversiteit onder plankton explosief toenam en Aegirocassis vertegenwoordigt een veel, veel ouder voorbeeld van deze – klaarblijkelijk overkoepelende – trend,” stelt onderzoeker Peter van Roy.

De geleedpotige
A. benmoulae behoort tot de geleedpotigen. Tot deze – zeer diverse – groep behoren onder meer de schorpioenen, spinnen, vlinders en kevers. Het grote succes van de geleedpotigen is mede te verklaren door de manier waarop hun lichamen in elkaar steken. Ze hebben een hard exoskelet dat tijdens hun groei juist vrij flexibel is. Hun lichamen en poten bestaan uit meerdere segmenten en elk segment kan afzonderlijk aan verschillende omgevingen en doelstellingen worden aangepast. Het stelt de geleedpotigen in staat om zich aan elke omgeving en levensstijl aan te passen.

Wanneer we naar de poten van moderne geleedpotigen (bijvoorbeeld de garnaal) kijken, zien we dat deze – in hun meest basale vorm – uit twee delen bestaan. Elk deel heeft zijn eigen functie. Zo kan het ene deel de geleedpotige bijvoorbeeld in staat stellen om zich voort te bewegen, terwijl het andere weer een rol speelt in de ademhaling. Wat onderzoekers maar niet goed begrepen, was hoe deze ledematen precies ontstaan waren. A. benmoulae biedt het antwoord. Het lijf van A. benmoulae bestaat uit verschillende segmenten en elk segment is uitgerust met twee flappen. De onderzoekers vermoeden dat die twee flappen in een later stadium in de evolutie zijn gefuseerd tot één ledemaat dat uit twee delen bestaat en dus ook twee functies kent. A. benmoulae geeft dus veel meer inzicht in de evolutie van de geleedpotige.