gevangenis

Iets meer dan vier procent van alle ter dood veroordeelde gevangenen in de Verenigde Staten is onschuldig. Dat suggereert een nieuw onderzoek op basis van een statistische analyse van meer dan 7400 ter dood veroordeelden.

‘Nergens vind je zoveel onschuldigen als in de gevangenis’, zei iemand wel eens, verwijzend naar het feit dat vrijwel iedereen daar beweert onschuldig te zijn. In werkelijkheid zijn de meeste gevangenen hartstikke schuldig. Maar er zullen er heus wel enkelen zijn die in werkelijkheid niets op hun kerfstok hebben. “Het aantal ten onrechte veroordeelde verdachten wordt vaak beschreven als iets wat niet onbekend is, maar wat we simpelweg niet kunnen weten,” zo schrijven onderzoekers deze maand in het blad Proceedings of the National Academy of Sciences. Het is een logische conclusie. Het is in veel gevallen immers het woord van de één tegen de ander.

De cijfers
En toch schrijven die onderzoekers in datzelfde blad dat 4,1 procent van alle Amerikaanse gevangenen in afwachting van de doodstraf onschuldig is. Hoe komen ze tot die conclusie? De onderzoekers bestudeerden de zaken van mensen die tussen 1973 en 2004 ter dood waren veroordeeld. Het ging om 7482 mensen. 12,6 procent van deze mensen werden daadwerkelijk ter dood gebracht. 1,6 procent werd vrijgesproken. 4 procent stierf een natuurlijke dood of door zelfmoord in de dodencel, 46,1 procent zat eind 2004 nog steeds in de dodencel en 35,8 procent werd uit de dodencel gehaald, maar bleef in de gevangenis.

De analyse
Vervolgens lieten de onderzoekers een statistische techniek op de cijfers los, die ook wel overlevingsanalyse wordt genoemd. Normaal gesproken gebruiken onderzoekers deze analyse om te bepalen in hoeverre een bepaalde behandeling of medicijn er in slaagt om sterftecijfers te beperken. Maar nu gebruikten de onderzoekers de cijfers om te bepalen welk percentage van alle ter dood veroordeelde gevangenen zou zijn vrijgesproken als al deze gevangenen in de dodencel zouden blijven zitten. U moet daarbij bedenken dat advocaten veel sterker geneigd zijn om de onschuld van een gevangene te bewijzen wanneer deze in de dodencel zit en de rechtbank veel sterker geneigd is om een zaak te heropenen als de wellicht onschuldige verdachte in de dodencel op de voltrekking van zijn vonnis wacht.

Uit die analyse blijkt vervolgens dat 4,1 procent van de ter dood veroordeelde gevangenen waarschijnlijk onschuldig is. En dat is nog een conservatieve schatting, zo schrijven de onderzoekers. “Het is waarschijnlijker dat er meer onschuldige mensen in de dodencel zitten die niet zijn geïdentificeerd en niet zijn vrijgelaten dan schuldigen die ten onrechte zijn vrijgelaten.” Maar betekent dat dan ook dat zo’n vier procent van alle ter dood gebrachte gevangenen ten onrechte is gedood? Zover willen de onderzoekers niet gaan. “Onze gegevens en de ervaringen van mensen werkzaam in het veld wijzen er beiden op dat het strafrechtsysteem veel verder gaat om te voorkomen dat onschuldige verdachten ter dood worden gebracht dan om te voorkomen dat ze voor altijd in de gevangenis blijven.” Een manier om dat te doen is de doodstraf omzetten in een levenslange gevangenisstraf.