Maar het lijkt erop dat ze er niet in slaagden om het continent blijvend te koloniseren.

Over het algemeen wordt aangenomen dat de eerste pioniers tussen 16.000 en 13.000 jaar geleden de oversteek maakten naar Amerika. Maar een nieuwe studie veegt dit nu van tafel. “Onze bevindingen tonen aan dat mensen al 15.000 jaar eerder op het continent te vinden waren,” betoogt onderzoeker Lorena Becerra-Valdivia.

Chiquihuite-grot
De onderzoekers baseren zich op archeologisch onderzoek in de Mexicaanse Chiquihuite-grot. Hier zijn in het afgelopen decennium ruim tweeduizend stenen werktuigen en andere artefacten opgegraven. De gevonden voorwerpen verschillen sterk van andere artefacten en zijn nog nooit eerder in Amerika gezien. Met behulp van koolstofdatering deden de onderzoekers vervolgens een verwoede poging om de leeftijd van de artefacten te achterhalen. En hieruit blijkt dat de oudste voorwerpen uit het Laatste Glaciale Maximum – de piek van de ijstijd – stammen dat plaatsvond tussen de 26.000 en 18.000 jaar geleden.


Opgegraven stenen werktuig gemaakt van een groenachtig gekristalliseerde kalksteen gevonden in de Chiquihuite-grot. Afbeelding: Ciprian Ardelean

De Chiquihuite-grot bevindt zich op grote hoogte in het Astillero-gebergte in het noorden van centraal Mexico. De grot ligt op zo’n 2750 meter boven zeeniveau. En dat is best merkwaardig in vergelijking met andere archeologische vindplaatsen. De meeste Amerikaanse archeologische vindplaatsen omvatten namelijk open gebieden, plekken waar veel gedode megafauna is aangetroffen of ondiepe schuilplaatsen in rotsen.

Het betekent dat mensen waarschijnlijk nóg veel eerder in het gebied aanwezig waren. Want het kost ook tijd om de grot volledig te bewonen en de voorwerpen te vervaardigen. Met behulp van verschillende statistieken en methoden schatten de onderzoekers dat mensen tussen 33.000 en 31.000 jaar geleden in de Mexicaanse grot aankwamen. Waarschijnlijk maakten deze mensen de oversteek via zee, aangezien de noordelijke delen van Noord-Amerika tot 13.000 jaar geleden ondoordringbaar en afgesloten was van Oost-Azië door een enorme ijskap. “Deze bevindingen helpen ons om de aanvankelijke menselijke bezetting van Amerika beter dan ooit tevoren te begrijpen,” aldus Becerra-Valdivia.

Vondsten
De bevindingen zijn erg interessant. “De vondsten in de Chiquihuite-grot zijn buitengewoon spannend,” zegt onderzoeker Ciprian Ardelean. “De archeologie is ouder dan alles wat we eerder hebben gezien en de stenen werktuigen zijn van een type dat uniek is in Amerika.” Tegelijkertijd benadrukt de onderzoeker ook het mysterie achter de resultaten. “Het is merkwaardig dat de vindplaats zoveel eerder door mensen bezet was dan andere,” gaat hij verder. “We denken dat het hier gaat om een ‘mislukte kolonisatie’. Eén die mogelijk geen genetisch detecteerbaar erfgoed heeft achtergelaten.”

Onderzoek in de Chiquihuite-grot. Afbeelding: Devlin A. Gandy

Verspreiding
Het lijkt er dus op dat deze eerste pioniers er niet in slaagden om het continent blijvend te koloniseren. De onderzoekers gebruikten deze bevindingen om vervolgens een gedetailleerde, chronologische tijdlijn op te zetten voor de aankomst en verspreiding van mensen in Noord-Amerika. Verschillende leeftijden van gevonden voorwerpen uit de Chiquihuite-grot werden verbonden met gedateerde artefacten die gevonden zijn op andere archeologische vindplaatsen in Noord-Amerika en Beringië; een oude landbrug die het continent lang geleden met Azië verbond. Hoewel de mens waarschijnlijk al vóór, tijdens en na het Laatste Glaciale Maximum in de regio aanwezig was, blijkt uit de analyse dat de wijdverspreide, menselijke bezetting pas veel later op gang kwam. En wel tijdens een periode van abrupte opwarming van de aarde.


Zichtbaar
“Ongeveer 14.700 jaar geleden werden mensen pas zichtbaar in het archeologisch archief,” vertelt Becerra-Valdivia. “Dit komt waarschijnlijk door de toename van de bevolking.” En terwijl de mens zich vermenigvuldigde, verdwenen grote zoogdieren zoals mammoeten, verschillende soorten paarden en kamelen van de aardbodem. De auteurs suggereren dan ook dat de toename van de menselijke populatie verband lijkt te houden met een catastrofale teloorgang van deze megafauna.

Al met al zetten de nieuwe bevindingen lang gevestigde opvattingen over de ontdekking van Amerika op losse schroeven. Mogelijk hebben mensen dus al 30.000 jaar geleden Amerika bereikt. En dat is veel eerder dan wetenschappers tot nu toe voor mogelijk hadden gehouden. Archeologisch onderzoek in Midden- en Zuid-Amerika gaat door. “Een combinatie van nieuwe opgravingen en geavanceerde archeologische wetenschap stelt ons in staat om het verhaal over de kolonisatie van Amerika te herschrijven,” zegt onderzoeker Tom Higham. “De ontdekking dat mensen al meer dan 30.000 jaar geleden in het gebied aanwezig waren, roept een reeks belangrijke nieuwe vragen op over wie deze mensen precies waren, hoe ze leefden, hoe wijdverspreid ze waren en wat hun uiteindelijke lot was.”