De gemiddelde Facebook-gebruiker heeft in een gegeven jaar een twaalf procent kleinere kans om te overlijden dan iemand die niet aan Facebook doet.

Tot die opmerkelijke conclusie komen onderzoekers van de universiteit van Californië (San Diego). Betekent het dat je als niet-Facebook-gebruiker als de wiedeweerga een account aan moet gaan maken? Nou..wacht nog maar even. Waarom? De onderzoekers associëren het gebruik van Facebook met een langer leven, maar hebben geen causaal verband gevonden. Dat wil zeggen: Facebook-gebruikers leven misschien langer, maar er is geen bewijs dat het gebruik van Facebook daar de oorzaak van is.

Het onderzoek
De onderzoekers bestudeerden Amerikaanse Facebook-gebruikers die tussen 1945 en 1989 geboren waren. Ze vergeleken vervolgens de activiteiten van de proefpersonen die nog in leven waren met de activiteiten die proefpersonen die reeds overleden waren voor hun overlijden, bezighielden. Er werden alleen mensen van hetzelfde geslacht en van dezelfde leeftijd met elkaar vergeleken.

De hele dag Facebooken

Er is zeker geen reden om op basis van dit onderzoek een hele dag op Facebook te zitten, zo benadrukt onderzoeker William Hobbs. “Online de interactie aangaan lijkt gezond te zijn wanneer je het met mate doet en het een aanvulling is op je offline interacties.” Wie een hele dag Facebookt en offline weinig vrienden heeft, komt er bekaaid af. “Dan zien we een negatieve associatie.” Onderzoeker James Fowler voegt toe: “Gelukkig zagen we dat bijna alle Facebook-gebruikers (in dit onderzoek, red.) er gebalanceerd gebruik van maken en een kleinere sterftekans hebben.”

Langer leven?
Uit het onderzoek blijkt dat de mensen die actief waren op Facebook doorgaans langer leefden dan mensen die niet actief waren op Facebook. In een gegeven jaar had de gemiddelde Facebook-gebruiker een 12 procent kleinere kans om te overlijden dan iemand die niet op Facebook zat. De onderzoekers plaatsen hier echter een belangrijke kanttekening bij: ze kunnen niet uitsluiten dat sociale of economische verschillen tussen de Facebook- en niet-Facebook-gebruikers hieraan ten grondslag liggen. Zoals eerder gezegd: het is dus absoluut niet bewezen dat het gebruik van Facebook an sich leidt tot een langer leven.

Activiteit
De onderzoekers gingen verder voor alle Facebook-gebruikers na hoeveel vrienden, statusupdates, foto’s, berichten op de ‘Facebook-wall’ en berichten zij ontvingen. Het doel? Nagaan of mensen die actiever waren op Facebook langer leefden dan mensen die minder actief waren op het sociale medium. Nu vergeleken de onderzoekers niet-actieve en actieve Facebook-gebruikers met elkaar die niet alleen dezelfde leeftijd en hetzelfde geslacht hadden, maar ook dezelfde relatiestatus hadden, ongeveer dezelfde tijd op Facebook doorbrachten en ongeveer net zo vaak met hun smartphone bezig waren (dat laatste suggereert dat ze ongeveer een vergelijkbaar inkomen hadden). Uit dit onderzoek blijkt dat mensen met gemiddelde of grote sociale netwerken doorgaans langer leefden dan de mensen met zeer kleine sociale netwerken. De mensen die heel veel foto’s plaatsten – wat suggereert dat ze ook face-to-face veel sociale contacten hebben – bleken er doorgaans qua levensduur het beste van af te komen.

Populair
De onderzoekers bestudeerden ook de ‘richting’ van vriendschapsverzoeken. Uit dat onderzoek bleek dat mensen die de meeste vriendschapsverzoeken inwilligden, doorgaans langer leefden. Het lijkt te suggereren dat ‘populair zijn’ resulteert in een langer leven. Maar de onderzoekers zijn voorzichtig. Het kan namelijk ook andersom zijn. In dat geval zijn mensen die een grotere kans hebben om lang te leven, aantrekkelijker in de ogen van anderen. Dat moet nader onderzocht worden.

“De associatie tussen levensduur en sociale netwerken werd in 1979 door Lisa Berkman geïdentificeerd en is sindsdien al honderden malen gerepliceerd,” stelt onderzoeker James Fowler. “Sterker nog: een recente meta-analyse suggereert dat het verband heel sterk is (…) Wij laten nu zien dat online relaties ook samenhangen met levensduur.” Hij hoopt dat laatstgenoemde associatie verder zal worden onderzocht. “Wat op Facebook en andere sociale netwerken gebeurt, is waarschijnlijk heel belangrijk. Maar we kunnen op dit moment op basis van dit ene onderzoek geen aanbevelingen doen.”