En het microbioom van iemand met obesitas reageert anders op sport dan dat van een slank persoon.

Die verrassende conclusies trekken Amerikaanse onderzoekers in het blad Medicine & Science in Sports en Exercise. Het is voor het eerst dat overtuigend wordt aangetoond dat sporten op zichzelf – dus onafhankelijk van dieet of antibioticakuren – van invloed is op de verzameling microben in onze darmen.

Butyraat is een zogenoemd korte-keten vetzuur dat bijdraagt aan gezonde darmcellen, ontstekingen afremt en energie genereert voor het organisme waarin het wordt aangetroffen.

Poeptransplantatie
De onderzoekers begonnen hun experimenten met een poeptransplantatie bij muizen. De poep van muizen die veel bewogen en muizen die veel stilzaten werd getransplanteerd in de darmen van muizen die in een steriele omgeving waren opgegroeid. Al snel vormde het microbioom van de voorheen steriele muizen een afspiegeling van het microbioom van hun donors en waren er duidelijk verschillen tussen de muizen die poep hadden ontvangen van actieve muizen en muizen die het met de poep van inactieve soortgenoten moesten doen. “Het bewees dat de transplantatie was gelukt,” aldus onderzoeker Jeffrey Woods. Muizen die de poep van actieve soortgenoten hadden ontvangen, bleken meer butyraat-producerende microben te herbergen (zie kader). Ook waren ze beter bestand tegen een chronische darmontsteking.

Mensen
Vervolgens gingen de onderzoekers aan de slag met menselijke proefpersonen: achttien slanke volwassenen en veertien volwassenen met obesitas. Van elke proefpersoon werd in kaart gebracht hoe het microbioom in de darmen in elkaar stak. Vervolgens kregen de proefpersonen de opdracht om – onder begeleiding – zes weken lang, drie keer per week tussen de 30 en 60 minuten cardio-training doen. Na zes weken werd het microbioom van de proefpersonen opnieuw in kaart gebracht en het eetpatroon van de proefpersonen werd gedurende het onderzoek niet aangepast.

Slank versus te zwaar
Uit het onderzoek blijkt dat het sporten leidde tot een toename in de concentratie korte-keten vetzuren en dan met name butyraat. En dat kwam doordat microben die deze korte-keten vetzuren produceerden, dominanter werden, aldus de onderzoekers. De toename was het sterkst bij de slanke proefpersonen, die aan het begin van het onderzoek al minder van deze microben in hun darmen hadden dan de proefpersonen met obesitas.

Nadat de proefpersonen zes weken hadden gesport en hun microbioom opnieuw in kaart was gebracht, volgde een rustperiode waarin de proefpersonen dus niet sportten. En daarop nam de concentratie korte-keten vetzuren weer af. Het onderschrijft de aanname dat sporten alleen verantwoordelijk is voor de waargenomen verandering.

Het onderzoek roept een interessante vraag op, stelt onderzoeker Jeffrey Woods. “De conclusie is dat er een duidelijk verschil is tussen hoe het microbioom van iemand die obees is en het microbioom van iemand die slank is, reageert op sport. We moeten nog uitzoeken waarom dat is.”