Moleculaire sporen die je op je telefoon achterlaat, kunnen verraden wat je eet, welke haarproducten je gebruikt en of je bang bent voor muggen.

Tot die conclusie komen onderzoekers van de University of California, San Diego in het blad Proceedings of the National Academy of Sciences. Ze baseren zich op experimenten waaraan 39 gezonde volwassen proefpersonen deelnamen.

Experiment
De proefpersonen overhandigden hun smartphone aan de onderzoekers. Vervolgens verzamelden de onderzoekers met behulp van een wattenstaafje op vier verschillende plekken op elke telefoon monsters. Ook veegden de onderzoekers met een wattenstaafje over acht verschillende plekken op de rechterhand van elke proefpersoon. Vervolgens gingen ze op zoek naar moleculen in de verzamelde monsters. Alle gedetecteerde moleculen werden vervolgens geïdentificeerd.

Een onderzoeker verzamelt moleculaire sporen op een telefoon. Afbeelding: Amina Bouslimani & Neha Garg.

Een onderzoeker verzamelt moleculaire sporen op een telefoon. Afbeelding: Amina Bouslimani & Neha Garg.

Zalfjes en bier
Uit het onderzoek blijkt dat er heel wat moleculaire sporen op een telefoon – een object dat nog al eens wordt aangeraakt – achterblijven. Zo troffen de onderzoekers moleculaire sporen van geneesmiddelen aan: ontstekingsremmende zalfjes of zalfjes ter bestrijding van schimmels, behandelingen tegen haarverlies, antidepressiva en oogdruppels. Maar ook werden er moleculaire sporen van voedsel aangetroffen: cafeïne, citrus en kruiden bijvoorbeeld. En ingrediënten van zonnebrandcrème en DEET (een goedje bedoelt om insecten, zoals muggen, te weren) werden zelfs maanden nadat ze voor het laatst door de eigenaren van de telefoon waren gebruikt op de telefoon aangetroffen. “Door de moleculen die zij (de proefpersonen, red.) op hun telefoons hebben achtergelaten te analyseren, kunnen we vertellen of iemand waarschijnlijk van het vrouwelijke geslacht is, high-end cosmetica gebruikt, haar haar verft, koffie drinkt, liever bier drinkt dan wijn, van gekruid voedsel houdt, behandeld wordt voor depressie, zonnebrandcrème of insectenspray gebruikt – en dus waarschijnlijk veel buiten is,” legt onderzoeker Amina Bouslimani uit.

Politieonderzoek
De onderzoekers denken dat hun resultaten relevant kunnen zijn voor politieonderzoek. “Je kunt je een scenario voorstellen waarbij een rechercheur op een plaats delict een persoonlijk object – zoals een telefoon of een pen of een sleutel – vindt, zonder vingerafdrukken of DNA of met vingerafdrukken of DNA die niet in de database terug te vinden zijn,” legt onderzoeker Pieter Dorrestein uit. De onderzoekers benadrukken dat de moleculaire sporen in dit stadium niet – zoals bijvoorbeeld een vingerafdruk – gebruikt kunnen worden om iemand te identificeren. Maar de moleculaire sporen kunnen op dit moment al wel een beeld geven van de levensstijl van een persoon. En dat kan een aanknopingspunt zijn in de zoektocht naar dit individu.

Eerder onderzoek
Het idee voor het onderzoek ontstond in 2015 toen Dorrestein en collega’s nagingen welke moleculen en microben er op het lichaam van twee volwassen proefpersonen te vinden waren. De proefpersonen mochten in de drie dagen voor het onderzoek geen lichaamsverzorgingsproducten gebruiken. De onderzoekers waren dan ook zeer verrast dat de meeste moleculaire sporen op de huid van de proefpersonen afkomstig bleken te zijn van die lichaamsverzorginsgproducten. “Al die chemische sporen op ons lichaam kunnen worden overgedragen op producten. Dus realiseerden we ons dat we op basis van de chemie op objecten die we dagelijks gebruiken een profiel samen kunnen stellen van de levensstijl van een persoon.”

Dorrestein en collega’s zetten hun studie voort. Momenteel doen ze onderzoek onder een grotere groep proefpersonen (80 mensen) en kijken ze ook naar andere objecten dan telefoons: zoals portemonnees en sleutels.