uranus

Toen astronomen deze week hun ogen met behulp van het Keck Observatorium op de planeet Uranus richtten, waren ze verbaasd. Opeens doken op de ijsreus meerdere stormen op, waaronder één monsterlijk exemplaar.

De stormen zijn op de beelden van het Keck Observatorium zichtbaar als heel heldere vlekken. Eén vlek is uitzonderlijk groot én helder. “Dit zeer heldere verschijnsel dat we op 6 augustus zagen, doet me denken aan een vergelijkbaar heldere storm die we in aanloop naar de equinox (het moment waarop de zon loodrecht boven de evenaar van Uranus stond, red.) op het zuidelijk halfrond zagen,” vertelt onderzoeker Imke de Pater.

WIST JE DAT…

…ruimtesonde Cassini onlangs voor het eerst een foto heeft gemaakt van de ijsreus Uranus?

De Berg
De Pater heeft het over een zeer krachtige storm Uranus kort na de start van het nieuwe millennium teisterde en die ook wel werd aangeduid als ‘De Berg’. Die naam had de storm te dankan aan het feit dat deze net onder de nevels op de pool zichtbaar was en qua vorm deed denken aan een ijsberg die van een ijsplaat was komen zetten. De storm ontstond mogelijk al in 1986 en werd in 2004 veel helderder. In 2005 begon deze zich richting de evenaar te bewegen en werd nog krachtiger. In 2009 was de storm nog maar enkele graden van de evenaar verwijderd en begon deze te verdwijnen.

Deze storm
De monsterstorm die nu op Uranus te zien is, doet in veel opzichten aan deze sterke storm denken. Alleen is deze storm nog helderder. De onderzoekers vermoeden dat de storm verband houdt met een vortex die zich diep in de atmosfeer van Uranus bevindt. De storm zelf lijkt tot hoog in de atmosfeer te reiken: mogelijk tot in de tropopauze.

Deze nieuwe stormen op Uranus hebben de onderzoekers verrast. De equinox (2007) is immers al lang achter de rug. “Zelfs na jaren van observeren kan een nieuwe foto van Uranus, gemaakt door het Keck Observatorium me stilzetten en ‘Wauw!’ laten zeggen,” erkent onderzoeker Heidi Hammel. De tijd zal leren hoe deze verrassende stormen op Uranus zich ontwikkelen en of ze net als de exemplaren die rond de equinox opdoken geleidelijk aan zullen verdwijnen.