Wetenschappers tonen aan dat muizen zonder het Y-chromosoom – een symbool van mannelijkheid – met een beetje hulp toch nageslacht op de wereld kunnen zetten.

Twee jaar geleden toonden onderzoekers al aan dat mannelijke muizen slechts twee genen op het Y-chromosoom nodig hadden om – met een beetje hulp – jongen te krijgen. Het ging mo de genen Sry en Eif2s3y. Nu zijn ze nog een stap verder gegaan en hebben mannetjes gecreëerd die helemaal geen Y-chromosoom hebben. En ook die mannetjes blijken jongen te kunnen krijgen.

Spermatiden
Muizen die geen genen op hun Y-chromosoom hadden, bleken testikels te hebben met daarin kiemcellen, de cellen die het zaad produceren. De onderzoekers wisten ronde spermatiden bij de muizen te verwijderen en gebruikten deze om oöcyten te bevruchten. De embryo’s werden vervolgens in een draagmoeder geplaatst en ontwikkelden zich tot gezonde, jonge muizen.

Gezond nageslacht
Het nageslacht van de muizen zonder Y-chromosoom was gezond en leefde net zolang als de gemiddelde muis. De dochters en kleinzonen van de mannetjes zonder Y-chromosoom waren vruchtbaar en in staat om zich zelfstandig – dus zonder hulp van mensen – voort te planten.

“De meeste genen op het Y-chromosoom van muizen zijn nodig voor de ontwikkeling van rijp sperma en een normale bevruchting”

Verrassend
De resultaten zijn best verrassend. “De meeste genen op het Y-chromosoom van muizen zijn nodig voor de ontwikkeling van rijp sperma en een normale bevruchting,” vertelt onderzoeker Monika Ward. “Maar we hebben nu aangetoond dat het Y-chromosoom niet nodig is wanneer we helpen bij de bevruchting.”

Het onderzoek kan meer inzicht geven in de functies en evolutie van het Y-chromosoom. “Dit is goed nieuws,” stelt Ward. “Omdat het suggereert dat er in genomen back-up-strategieën zijn die normaal gesproken zwijgen, maar onder bepaalde omstandigheden bij kunnen springen.” Grote vraag is of dit ook voor mensen geldt. “Het is zeker mogelijk en het is reeds gebeurd bij twee knaagdiersoorten die hun Y-chromosoom zijn kwijtgeraakt.”