Wetenschappers hebben voor het eerst vast kunnen stellen wanneer een zwart gat gaskogels de ruimte inschiet.

De onderzoekers bestudeerden het dubbelstersysteem H1743-322. Het systeem bestaat uit een gewone ster en een zwart gat en staat op een afstand van zo’n 28.000 lichtjaar.

Schijf
De afstand tussen de ster en het zwarte gat is klein en het zwarte gat haalt flink wat materie van de ster weg. Die materie vormt een schijf om het zwarte gat. Die schijf is gigantisch: waarschijnlijk beslaat deze ongeveer één miljoen kilometer.

Kogel
Materiaal van de ster komt ook weer uit de schijf zetten. En wel in de vorm van een zogenoemde jet: een stroom van deeltjes. Die stroom is redelijk constant. Maar zo af en toe verandert er iets en maakt de jet plaats voor ‘kogels’. Deze ‘kogels’ bestaan uit gas en worden de ruimte in geslingerd. Onderstaand filmpje laat dat goed zien.

Wanneer?
Wetenschappers zijn er nu middels observaties in geslaagd om te achterhalen wanneer deze gaskogels nu precies vrijkomen. Ze lieten telescopen de röntgen- en radio-emissie van het zwarte gat bestuderen. Deze emissie was tussen 28 mei en 2 juni vrij stabiel, wel namen de variaties in de röntgenstraling toe. Maar dat veranderde op 4 juni: toen werd de radio-emissie minder. Op 5 juni nam die emissie weer toe, namen de variaties af en werd de eerste gaskogel gezien. Een dag later stootte het zwarte gat nog zo’n kogel uit, maar dan in de andere richting. Lang dachten onderzoekers dat de gaskogels vrijkwamen wanneer de radiostraling toenam. Maar de waarnemingen wijzen erop dat de gaskogels al op 3 juni werden afgeschoten.

Onduidelijk is op dit moment of deze volgorde van gebeurtenissen voor elk zwart gat hetzelfde is. Nader onderzoek moet dat uitwijzen.