cirkels

Zodra mensen de mysterieuze cirkels op de bodem van de Oostzee ontdekten, deden zich allerlei geruchten de ronde: het waren bomkraters uit de Tweede Wereldoorlog of landingsplaatsen van aliens. Eindelijk mengen wetenschappers zich nu in de discussie en zij komen met een wetenschappelijke verklaring voor het fenomeen.

De cirkels in kwestie kunnen wel vijftien meter groot zijn. Ze werden in 2008 voor het eerst gespot in ondiep water voor de kust van het Deense eiland Møn. In 2011 kwamen de cirkels terug. Hun aantallen waren toen zo groot dat de cirkels op flink wat media-aandacht konden rekenen. En al die aandacht bracht de geruchtenmachine op gang.

Zeegras
Biologen stelden eerder al dat de randen van de cirkels bestaan uit jong en groen zeegras. In het hart van de cirkels zijn geen of heel zwakke zeegrassen te vinden. Onduidelijk was waarom het jonge, groene zeegras zo mooi in cirkels groeit. Onderzoekers van de universiteit van Kopenhagen beten zich in het vraagstuk vast en komen met een antwoord.

Gif
“Het heeft niets te maken met bomkraters of landingsplaatsen voor aliens,” stellen onderzoekers Marianne Holmer en Jens Borum. “Ook niet met feeën die vroeger van dit soort fenomenen op land beschuldigd werden.” Maar hoe kunnen we de cirkels dan wel verklaren? De onderzoekers bestudeerden de modder onder het zeegras en in de cirkels en ontdekten dat de modder in het midden van de cirkels giftig is voor deze planten.

Het gif in kwestie is sulfide. Het stapelt zich op in de zeebodem voor het Deense eiland Møn, omdat deze bodem kalkrijk en ijzerarm is. De meeste modder wordt van de kalkachtige, kale zeebodem gespoeld, maar waar zeegrassen groeien, houden deze de modder vast. “En daarom zijn er onder de zeegrassen hoge concentraties sulfide-rijke modder te vinden.” Sulfide is giftig genoeg om oude en heel jonge zeegrasplanten te verzwakken, maar niet giftig genoeg om de volwassen en sterke planten iets aan te doen. En aangezien zeegrassen zich van plek A naar buiten toe verspreiden, zijn de oudste en zwakste planten in het midden van de groeicirkels te vinden en worden deze dus – in tegenstelling tot de volwassen, sterke planten eromheen – aangetast. “Het resultaat is een uitzonderlijke cirkelvorm waarbij alleen de rand van de cirkel overleeft.”