Onderzoekers vonden eerder dit jaar onder de tempel van marteling de restanten van een man zonder hoofd. De eerste analyses zijn achter de rug, maar leveren een hoop vragen op. Wie was hij? En werd hij – zoals boven in de tempel op schilderingen te zien is – gemarteld en door de Maya’s geofferd?

De kamer waaronder de man begraven ligt – een deel van de tempel van marteling – werd in het jaar 790 gebouwd. In die tijd was de stad Bonampak – waar het graf deel van uitmaakt – met duizenden inwoners flink. Tegenwoordig is er weinig van over. Zelfs de meest prominente overblijfselen zijn overwoekerd.

Schilderingen
De tempel van marteling bestaat uit drie kamers die allemaal rijkelijk beschilderd zijn. In de eerste is op de schilderingen een rijke man te zien. In de tweede kamer – boven het lichaam van de man – is te zien hoe krijgsgevangen gemarteld werden. Hun vingers zijn gebroken, de nagels uitgetrokken en velen zijn onthoofd. In de derde kamer is te zien hoe de elite aan een aderlating deelneemt.

Radar
De tempel met de schilderingen werd al in 1946 ontdekt. Pas nadat aardbevingen van 2005 tot 2007 het gebied teisterden, begonnen archeologen met de restauratie van de kamers. Tijdens een radaronderzoek begin dit jaar ontdekten ze dat er onder de kamers nog veel meer verborgen lag.

Onthoofd?
De tombe waarin de man ligt, is eenvoudig en net groot genoeg om een lichaam te verbergen. Uit de analyse van de overblijfselen is gebleken dat het om een man gaat. Hij was tussen de 35 en 42 jaar toen hij stierf en had artritis. Zijn schedel mist. Wellicht is hij onthoofd, maar de onderzoekers gaan er eerder van uit dat zijn schedel door de vochtigheid vergaan is. De botten in het hoofd zijn namelijk zacht. Bovendien zijn er in de tombe oorbellen gevonden. Ook dat wijst erop dat de schedel vergaan is. Bij het lichaam lagen verder nog een stenen mes, dure sieraden en een vaas. (Foto van het graf: Alejandro Tovalín, INAH)

Krijgsgevange?
Op dit moment zijn onderzoekers druk bezig met het vaststellen van de tijd waarin de man gestorven is. Een DNA-test moet uitwijzen of hij familie van de mensen in Bonampak of een krijgsgevangene was. Vooralsnog wijst alles erop dat hij tot de elite behoorde. Maar aan welke kant stond hij? De schatten in zijn graf wijzen erop dat hij een belangrijke strijder van de vijand was en tijdens een ceremonie voor de tempel geofferd is.

Krijger?
De man kan echter ook familie zijn geweest van de heerser van Bonampak: Chaan Muan II. De sieraden die in het graf zijn aangetroffen komen overeen met die van de edelen die op de muren boven het graf zijn vereeuwigd. Maar ook al was de man afkomstig uit Bonampak en familie van Chaan Muan II dan wil dat nog niet zeggen dat hij niet geofferd is. Het is mogelijk dat hij in de strijd of door natuurlijke omstandigheden gestorven is en daarna door de priesters aan de goden is opgedragen.

Verdere analyse moet uitwijzen welk scenario het dichtst bij de waarheid komt en of de schilderingen boven het graf iets vertellen over de dood van de man.