De pandemie vormt een rijke voedingsbodem voor protesten en onrust die agressiever van aard zijn dan voor de pandemie het geval was.

Daarvoor waarschuwen historici in een paper verschenen in het blad Peace Economics, Peace Science and Public Policy. Ze baseren zich op de geschiedenis. Want die heeft de neiging zich te herhalen.

Greta en gele hesjes
We horen nauwelijks meer iets van Greta Thunberg: de tiener die tot voor kort onvermoeibaar op de barricaden ging voor het klimaat. En ook de gele hesjes hullen zich in stilzwijgen. En dat zijn niet de enige protestgroeperingen die totaal te lijken zijn ondergesneeuwd door de wereldwijde gezondheidscrisis waarin we ons momenteel bevinden; een recent onderzoek wijst uit dat van elke 20 grote protestbewegingen die in december 2019 nog volop actief waren, er vandaag de dag hooguit twee of drie nog op de barricaden gaan. Maar wie denkt dat de pandemie zo een definitief einde heeft gemaakt aan de conflicten en problemen die mensen in 2019 nog al dan niet in een geel hesje of gewapend met spandoeken en protestborden de straat op dreven, heeft het hoogstwaarschijnlijk mis.


Afgaand op de geschiedenis mogen we namelijk verwachten dat de pandemie – die maatschappelijke onrust die niet direct samenhangt met COVID-19 zelf, lijkt te hebben uitgedoofd – dienst doet als een rijke voedingsbodem waaruit – als alles achter de rug is – nieuwe maatschappelijke onrust voortkomt. En die onrust zal op agressievere wijze tot uiting komen dan we voor de pandemie gewend waren.

Het onderzoek
Onderzoekers trekken die conclusie nadat ze 57 grote epidemieën bestudeerden die de mensheid tussen de Zwarte Dood en de Spaanse Griep troffen. Tijdens slechts vier epidemieën was er sprake van opstanden die niet direct verband hielden met de woedende infectieziekte. Het onderschrijft het idee dat de acute crisissituatie andere problemen of conflicten verdringt, iets wat we nu dus ook zien gebeuren. Maar tegelijkertijd sluimerde de maatschappelijke onrust – ondanks dat deze niet tot uiting komt in de vorm van demonstraties of protestmarsen – tijdens veel van de bestudeerde epidemieën wel door. En ook de pandemie zelf leidt tot frictie.

Drie manieren
“Over het algemeen laat het historische bewijs zien dat epidemieën op drie verschillende manieren een mogelijk ontwrichtend effect hebben op de burgermaatschappij,” zo schrijven de onderzoekers. “Allereerst zijn de beleidsmaatregelen vaak in strijd met de belangen van mensen, waardoor er een gevaarlijke wrijving ontstaat tussen de samenleving en instituten. Ten tweede zien we dat een epidemie doordat deze niet alle delen van de samenleving als het gaat om sterfte en economische welvaart even hard raakt, de ongelijkheid binnen de samenleving kan vergroten. En ten derde kan de psychologische schok leiden tot irrationele verhalen over de oorzaken en verspreiding van de ziekte, wat weer leidt tot racisme en discriminatie en zelfs xenofobie.”


Historische gebeurtenissen
Het idee dat epidemieën een voedingsbodem zijn voor sociale onrust, wordt door talloze historische gebeurtenissen onderschreven. Maatregelen die men in het verleden trof om besmettelijke ziekten zoals de pest en cholera in te dammen, leidden niet zelden tot grote spanningen tussen overheid en burgers, die na de epidemie tot ontlading kwamen. Ook zien we in het verleden dat wilde verhalen omtrent de oorsprong van een ziekteverwekker tot problemen leidden. Zo werd in het verleden vaak aangenomen dat ziekten hun oorsprong vonden onder de armen die – vanwege de armzalige omstandigheden waarin zij leefden – veel vaker aan ziekten ten prooi vielen. Het leidde er aan het eind van de negentiende eeuw in Napels bijvoorbeeld toe dat de armen aannamen dat de cholera-epidemie die met name binnen hun gelederen toesloeg, door de overheid in het leven was geroepen om het aantal arme mensen terug te dringen. Het leidde tot opstanden die maar ternauwernood konden worden onderdrukt. Ondertussen schreef men de cholera-epidemie in de VS toe aan immigranten en Afrikaanse Amerikanen. En wisten de Britten zeker dat cholera in India om zich heen sloeg doordat met name de Hindoes er in Britse ogen barbaarse bijgeloven en tradities op nahielden. Reden voor de Britten om nog feller in te zetten op de omarming van de westerse cultuur, wat weer leidde tot onrust en uiteindelijk twee decennia later zelfs tot een onafhankelijkheidsoorlog.

“In elk geval bleken de meeste grote epidemieën uit het verleden – weliswaar elk in verschillende mate – dienst te doen als broedmachines voor sociale onrust,” zo concluderen de onderzoekers. Dat bleek ook wel toen de onderzoekers zich nog eens bogen over de vijf cholera-epidemieën en daarbij specifiek keken naar het aantal opstanden in de tien jaar vóór en tien jaar ná de epidemieën. Gemiddeld gezien bleken er in het decennium voor elke epidemie zo’n 39 opstanden plaats te vinden. Tegen 71 opstanden na de epidemieën.

Potentie
De geschiedenis voorspelt weinig goeds voor de periode na de pandemie van 2020. Maar historicus Roberto Censolo, wil daar wel een belangrijke kanttekening bij plaatsen. “De geschiedenis biedt ons geen deterministische analogieën voor de toekomst.” In andere woorden: het is ook afgaand op al die historische feiten geen gegeven dat deze pandemie ook leidt tot meer en agressievere vormen van maatschappelijke onrust. Tegelijkertijd is het echter ook verre van ondenkbaar dat dat gaat gebeuren. “De menselijke aard is door de geschiedenis heen niet veranderd,” zo vertelt Censolo aan Scientias.nl. “De angst en onzekerheid die een epidemie met zich meebrengt, genereren vandaag de dag nog dezelfde emotionele en psychologische reactie als tijdens de uitbraken in het verleden. Daarom kan de geschiedenis ons ook zoveel leren over COVID-19. Vanaf de Middeleeuwen tot nu zien we vergelijkbare fenomenen. We zien in veel epidemieën uit het verleden dat men twijfelt aan de ernst van de ziekte, dat er complottheorieën ontstaan omtrent het virus en overheden en dat er discriminerende verklaringen voor de epidemie worden omarmd. Daarom denk ik dan ook dat COVID-19 net zoveel potentie heeft om tot sociale onrust te leiden als de epidemieën uit het verleden.”

Impact zo klein mogelijk houden
Maar de geschiedenis waarschuwt ons niet alleen voor wat ons mogelijk nog te wachten staat. We kunnen ook van de geschiedenis leren en de mate waarin deze pandemie de maatschappelijke onrust voedt, terugdringen. Bijvoorbeeld door er alles aan te doen om de impact van de pandemie zo klein mogelijk te houden. Zo zie je in rijke Europese landen bijvoorbeeld dat er allerlei regelingen worden opgetuigd om bedrijven overeind te houden en werkgelegenheid te waarborgen. Een goed idee, zo vindt Censolo, die er tevens op wijst dat dit geen radicaal nieuw idee is. “De Doorluchtige Republiek Venetië zette al in 1423 wetgeving op poten voor het geval er een besmettelijke ziekte uit zou breken en in 1490 werd er een ministerie van gezondheid opgezet. Tussen september 1630 en september 1631 werd Venetië getroffen door de builenpest, waardoor 30 procent van de bevolking om het leven kwam. Wat interessant is, is dat de strikte maatregelen gericht op het beperken van de verspreiding van de ziekte, vergezeld ging door enorme financiële impulsen om rellen te voorkomen. Europese instituten zijn wat dat betreft op de juiste weg en hopelijk zien we in Europa na de pandemie dan ook niet te veel verstoringen ontstaan.” Censolo en collega’s maken zich dan ook meer zorgen over landen die de boel voor de pandemie al niet op orde hadden of reeds geplaagd werden door heftige conflicten en protesten. “Er is bijvoorbeeld geen reden voor optimisme als het gaat om Hong Kong,” stelt hij. “Als de protesten daar niet uitlopen op een heuse opstand, dan is dat vanwege de ‘foute’ redenen, oftewel omdat ze de kop ingedrukt worden.”

Status quo
Want dat is de andere kant van deze pandemie: sommige overheden grijpen de om gezondheidsredenen opgelegde restricties aan om hun macht te vergroten. “Protestbewegingen zijn nu bijeenkomsten waarbij het gerechtvaardigd is om direct in te grijpen en die bovendien ontmoedigd worden door de persoonlijke angst om besmet te raken of de angst dat anderen niet op komen dagen,” zo schrijven de onderzoekers, die er tevens op wijzen dat ook het feit dat mensen nu bijvoorbeeld met corona-apps gemakkelijker gevolgd kunnen worden, ze er – zeker onder bepaalde regimes – van kan weerhouden om te protesteren. “Deze verzwakking van de standaard vormen van oppositie en protest versterken de machthebbers en dus de status quo.” Naast dat er dus meer kans op onrust is, leidt de pandemie waarschijnlijk ook tot meer onderdrukking. En ook zo’n situatie kan vanzelfsprekend – wellicht op wat langere termijn – een kruitvat blijken te zijn.

De historici schetsen zo een bijzonder somber beeld. Maar aangezien we nog midden in de pandemie zitten, is het nog niet te laat om het tij te keren en alles op alles te zetten om de polarisatie en toenemende ongelijkheid die samen leiden tot conflicten en onvrede, zoveel mogelijk te beperken. Censolo pleit voor een ‘herverdelend beleid’. “Zeker in landen waar de mensen die geen toegang hebben tot gezondheidszorg ook de mensen zijn die economisch het hardst door de pandemie getroffen worden.” Helaas is er in die landen vaak niet de financiële ruimte om de kloof tussen arm en rijk of de bevoorrechte en achtergestelde mensen te dichten. “Het vereist waarschijnlijk internationale samenwerking,” erkent Censolo. “Wereldwijde schokkende gebeurtenissen vereisen ook wereldwijde oplossingen.” Net zoals landen nu samen optrekken om een coronavaccin te pakken te krijgen, moet er dus worden samengewerkt om te voorkomen dat de pandemie uitgroeit tot een voedingsbodem voor maatschappelijke onrust. Een hele klus, maar wel eentje die prioriteit verdient, vindt Censolo. “De welvaart van de volgende generaties staat op het spel. En dan hebben we het niet alleen over de economische omstandigheden, maar ook over vrijheid, democratie en gelijkheid.”