james webb

NASA heeft de ruimtetelescoop James Web gedurende 116 dagen aan temperaturen lager dan -230 graden Celsius blootgesteld. De ruimtevaartorganisatie wilde zo achterhalen of de telescoop de ijzige ruimtereis aankan.

De James Webb-telescoop – de opvolger van ruimtetelescoop Hubble – wordt naar verwachting in 2018 gelanceerd. “De telescoop gaat naar Lagrangepunt 2, wat een extreme omgeving is,” vertelt Mike Drury, namens NASA.

Hart koel houden
Vanuit Lagrangepunt 2 gaat James Webb naar verwachting verder terug in de geschiedenis van het heelal kijken dan alle andere telescopen ooit gedaan hebben. De telescoop gaat hopelijk de eerste sterren en sterrenstelsels in het universum opsporen, onderzoek doen naar de totstandkoming van sterren en protoplanetaire systemen en bestuderen hoe het leven op aarde kon ontstaan. Het hart van de missie is ISIM: Integrated Science Instrument Module, te vinden in het hart van de telescoop. Het bevat alle onderzoeksinstrumenten, waaronder de camera. “Het hart van Webb is een heel belangrijk deel van het observatorium en zal alle foto’s voortbrengen.” Maar om in staat te zijn om de eerste sterrenstelsels op te sporen en dwars door het interstellaire stof de sterren en planeten die in onze Melkweg ontstaan, te bekijken, moet de telescoop heel koud zijn. De telescoop moet namelijk zeer zwakke infraroodsignalen op kunnen sporen en dat kan alleen wanneer deze zelf geen infraroodlicht in de vorm van warmte afgeeft.

Meer weten?
Alles weten over de James Webb-telescoop? Lees ons uitgebreide achtergrondartikel over de veelbelovende ruimtetelescoop!

Testje
Lagrangepunt 2 is wat dat betreft een perfecte plek: de telescoop kan er met zijn zonneschild het licht afkomstig van de zon, maan en de aarde blokkeren en zo het hoofd koel houden. Het hoofd koel houden is zoals eerder opgemerkt werd van cruciaal belang voor de missie. Maar kunnen de instrumenten aan boord van de telescoop die lage temperaturen wel aan? Om dat te achterhalen, vroor NASA het hart van de telescoop in.

Simulator
In de ruimte zal de telescoop te maken krijgen met temperaturen lager dan -230 graden Celsius. Om dergelijke temperaturen op aarde te creëren, maakte NASA gebruik van de Space Environment Simulator. In deze ruimte kan een vacuüm – met de extreme temperaturen die we ook in de ruimte aantreffen – worden gesimuleerd. “We voeren deze tests uit om er zeker van te zijn dat wanneer de telescoop afkoelt, de vier delen van het hart van de telescoop nog steeds zo gepositioneerd zijn dat wanneer licht in de telescoop valt we dat licht op de juiste manier vastleggen,” vertelt onderzoeker Paul Geithner. “De grootste druk krijgt de telescoop te verwerken wanneer deze afkoelt. Wanneer de telescoop van kamertemperatuur naar de superlage temperaturen gaat.”

Terwijl het hart van de telescoop – dat ongeveer net zo zwaar is als een volwassen olifant – in de simulator vertoefde, werden de systemen continu gecheckt. Na afloop werd de telescoop langzaam op temperatuur gebracht en vond een analyse van alle instrumenten plaats. En de telescoop heeft de test goed doorstaan. 116 dagen in een omgeving met een temperatuur lager dan -230 graden Celsius vertoeven, bleek geen enkel probleem te zijn. En daarmee ligt NASA nog steeds keurig op schema als het gaat om de lancering van de krachtigste en dus meest veelbelovende telescoop die ooit gelanceerd is.