Op plaatsen waar je zelden of nooit natuurbranden zag, duiken ze op. En op plaatsen waar je ze verwacht, blijven ze uit.

De laatste tijd hebben we een aantal grote en ongekend felle natuurbranden meegemaakt. Denk aan de allesverwoestende bosbranden in Australië, in het Braziliaans Amazone-regenwoud en in het noordpoolgebied. In een nieuwe studie hebben onderzoekers zich over enkele van deze vernietigende branden gebogen om ze volledig te doorgronden. Want hoe zijn natuurbranden de laatste jaren veranderd? En wat zijn daarvan de gevolgen?

Radicaal veranderd
De onderzoekers komen tot de zorgelijke conclusie dat natuurbranden door ons toedoen radicaal zijn veranderd. Zo verschijnen ze niet alleen vaker op het toneel, ze komen nu ook op plekken voor waar ze eerst nooit acte de présence gaven. “Recente branden hebben het ecosysteem aangetast op plekken waar we natuurbranden historisch gezien zelden of nooit zagen,” stelt onderzoeksleider Luke Kelly. “Denk aan de tropische wouden in Australië, Zuidoost-Azië en Zuid-Amerika tot aan de toendra van de poolcirkel.”


Ernstiger
Maar dat is niet het enige. Natuurbranden worden ook steeds ernstiger. Een treffend voorbeeld zijn de Australische bosbranden. Hoewel Australië jaarlijks te maken krijgt met bosbranden, is de intensiteit van het afgelopen seizoen ongekend. In totaal ging er van augustus 2019 tot en met maart 2020 een gebied van maar liefst 12,6 miljoen hectare in vlammen op. “Er zijn zeer grote en ernstige branden waargenomen in gebieden die bekend staan om hun brandgevoeligheid,” gaat Kelly verder. “Dit komt overeen met voorspellingen die luiden dat brandseizoenen in de toekomst langer zullen duren, met name in de bossen en vegetatiezones van Australië, Zuid-Europa en het westen van de Verenigde Staten.

Klimaatverandering
De grote branden die recent plaatsvonden, zijn met name te wijten aan klimaatverandering. De planeet is namelijk sinds de industriële revolutie aanzienlijk opgewarmd. En sinds de jaren tachtig is de opwarming van de aarde in een stroomversnelling geraakt. Dit heeft geleid tot hogere temperaturen en droogte. De wereld kampt nu met inconsistente regenval en zinderende hitte wat leidt tot droge vegetatie. En die droge bosjes vatten veel makkelijker vlam. Ook blijkt dat mensen vaak verantwoordelijk zijn voor brand in natuurgebieden. Bijvoorbeeld door het achteloos weggooien van een brandende sigaret, of het stoken van een kampvuurtje.

Deze veranderingen hebben grote gevolgen voor de dieren die in de gebieden leven. De onderzoekers komen namelijk in hun studie tot de alarmerende conclusie dat de waargenomen veranderingen meer dan 4.400 soorten over de hele wereld in gevaar hebben gebracht. “Tot die soorten behoren 19 procent van de vogels, 16 procent van de zoogdieren, 17 procent van de libellen en 19 procent van de peulvruchten die geclassificeerd zijn als ernstig bedreigd, bedreigd of kwetsbaar,” somt Kelly op. “Dat is een enorm aantal planten en dieren die door toedoen van branden wordt bedreigd.” Specifieke dieren die lijden onder intensere en frequenter voorkomende branden, zijn bijvoorbeeld de orang-oetan in Indonesië en de Australische zangvogel de mallee-emoesluiper.

Minder branden
Door het veranderende klimaat komen branden nu niet alleen voor op plaatsen waar je ze zelden of nooit zag, op andere plekken waar je ze juist wel zou verwachten, blijven ze ineens uit. En dat heeft ook belangrijke consequenties. Sommige soorten en ecosystemen gedijen bijvoorbeeld minder goed als er geen branden plaatsvinden. Zo vormen natuurbranden een belangrijk onderdeel van het Afrikaanse savanne-ecosysteem. Als er in dit gebied minder branden voorkomen, kan dit leiden tot de aantasting van struiken die vervolgens wilde herbivoren kunnen verdringen. Denk bijvoorbeeld aan gnoes die die voorkeur geven aan open en braakliggende gebieden.


Drie groepen
Kortom, in de studie hebben de onderzoekers de menselijke drijfveren bepaald die het voorkomen van natuurbranden en de impact daarvan op de biodiversiteit transformeren. Deze deelden ze vervolgens in drie verschillende groepen in: 1) klimaatverandering, 2) landgebruik en 3) biotische invasies. “Door te begrijpen wat veranderingen op verschillende plaatsen veroorzaakt, kunnen we effectieve oplossingen vinden die ten goede komen van mens en natuur,” zo stelt Kelly.

De studie benadrukt de omvang en de uitdagingen die de branden vormen voor dieren, planten en mensen. Volgens de onderzoekers kunnen we dan ook niet langer meer wachten. Zo stellen ze dat mensen en regeringen over de hele wereld in actie moeten komen om de diverse veranderingen die zich in de omgeving voordoen, het hoofd te bieden. “Het is echt tijd voor nieuwe en krachtigere initiatieven voor natuurbehoud,” aldus Kelly. “Denk aan meer grootschalig herstel van leefgebieden, herintroducties van zoogdieren, het creëren van licht ontvlambare groene regio’s en gecontroleerde branden onder de juiste omstandigheden. De rol van de mens is daarbij erg belangrijk. Beter beheer van natuurbranden zal de biodiversiteit en het menselijk welzijn in veel delen van de wereld verbeteren.”