En dat gaf Neanderthalers meer tijd om het één en ander van onze voorouder op te steken.

Meer dan een half miljoen jaar geleden scheidden Neanderthalers zich af van onze Afrikaanse voorouders. Tot enkele tientallen duizenden jaren geleden leefden deze Neanderthalers in Europa en Centraal-Azië. Later verlieten ook moderne mensen Afrika en liepen op het Europese continent Neanderthalers tegen het lijf. Dat deze twee mensensoorten elkaar wel zagen zitten, blijkt uit het feit dat alle moderne mensen enig Neanderthaler-DNA herbergen. Archeologische vondsten in de Bulgaarse Batsjo Kirogrot suggereren nu dat de twee mensachtigen mogelijk veel langer zij aan zij leefden dan gedacht.

Batsjo Kirogrot
Een aantal jaar geleden reisden een internationaal onderzoeksteam af naar de Batsjo Kirogrot in Bulgarije. De onderzoekers stuitten hier op duizenden dierlijke en menselijke botten, evenals artefacten en gereedschappen. Lang werd gedacht dat deze aan Neanderthalers toebehoorden. Op één menselijke tand na waren de gevonden fossielen echter te versleten om ze met het blote oog thuis te brengen. Om te achterhalen of in deze grot daadwerkelijk Neanderthalers leefden of toch moderne mensen, werden de menselijke botten met behulp van de nieuwste technologie aan een grondige analyse onderworpen.


Homo sapiens
Uit de analyse blijkt dat de menselijke botfragmenten minstens 45.000 jaar oud zijn. En dat is interessant. Deze periode valt namelijk samen met de aankomst van Homo sapiens in Europa. Ook de ontdekte menselijke tand werd aan grondig DNA-onderzoek onderworpen. En ook hieruit bleek dat deze toebehoorde aan de moderne mens en niet aan een Neanderthaler. “De vondsten geven ons een heel duidelijk, chronologisch beeld van wanneer Homo sapiens de grot voor het eerst begonnen te bewonen,” vertelt onderzoeker Helen Fewlass. “Dat was tussen 45.820 tot 43.650 jaar geleden en mogelijk zelfs al 46.940 jaar geleden.”

Gereedschappen
Hoewel sommige onderzoekers hebben geopperd dat Homo sapiens tegen die tijd al mondjesmaat Europa binnenliepen, werden tot op heden vondsten – denk aan mesachtige gereedschappen en hangers gemaakt van dierlijke tanden die eerder in Europa zijn ontdekt – van deze leeftijd meestal aan Neanderthalers toegeschreven. Maar de huidige bevindingen suggereren dat de moderne mens al vrij vroeg in de Bulgaarse grot te vinden was. Het betekent dat de gevonden artefacten en gereedschappen in feite toch door Homo sapiens is vervaardigd. Zo brachten ze bijvoorbeeld vuurstenen naar de grot die ze op plekken tot 180 kilometer van de grot vandaan hadden opgeduikeld. Hier maakten ze vervolgens puntige messen van die ze wellicht gebruikten voor de jacht of om dieren ter plekke mee te slachten.

Stenen gereedschappen aangetroffen in de Bulgaarse Batsjo Kirogrot. Afbeelding: Tsenka Tsanova, MPI-EVA Leipzig, License: CC-BY-SA 2.0

Dat Neanderthalers vervolgens de kunst afkeken, blijkt wel uit het feit dat soortgelijke gereedschappen op andere plaatsen zijn aangetroffen. “Er zijn overeenkomsten tussen de gereedschappen gemaakt door Homo sapiens in de Batsjo Kirogrot en die door Neanderthalers elders, wat duidelijk maakt dat er een culturele overdracht gaande was tussen de twee groepen,” vertelt onderzoeker Shara Bailey. Het betekent dat moderne mensen Neanderthalers al vroeg beïnvloedden. Van tanden van de holenbeer werden bijvoorbeeld hangers gemaakt, waarvan sommige opvallend veel lijken op de ornamenten die later door Neanderthalers in West-Europa werden gemaakt.


Vindingrijk

Hoewel Neanderthalers dus wel het één en ander van onze voorouders opstaken, waren ze ook zelf vindingrijk. Zo blijkt dat ze koorden van planetenvezels draaiden. Het verraadt dat ze over een zeker rekenkundig inzicht beschikten. Want om het koord te maken, moet je enkele basale rekenkundige concepten begrijpen. Het stukje koord was bovendien bevestigd aan een 60 millimeter lang stenen gereedschap. Mogelijk maakte het stukje koord deel uit van een net of tas die de Neanderthalers gebruikten om het gereedschap met zich mee te torsen.

Al met al biedt de studie meer duidelijkheid over de komst van Homo sapiens in Europa en hun interacties met de inheemse en afnemende Neanderthaler-bevolking op het continent. Wetenschappers komen namelijk dankzij het onderzoek meer te weten over de zogenaamde overgangsperiode, waarin Midden-Paleolithische Neanderthalers langzaamaan werden vervangen door Laat-Paleolithische Homo sapiens. “Het oorspronkelijke laatpaleolithicum heeft waarschijnlijk zijn oorsprong in Zuidwest-Azië en verplaatste kort daarna naar de Batsjo Kirogrot en plekken in Mongolië,” concludeert onderzoeker Tsenka Tsanova. “Homo sapiens verspreidde zich snel over Eurazië en ontmoette hier andere archaïsche populaties zoals Neanderthalers en denisovamensen die ze beïnvloedde en uiteindelijk zelfs verving.”