In Nederland is voor de allereerste keer een gekraagde vlokslak opgedoken. Jurrien van Deijk vond de naakte zeeslak onder een steen in het intergetijdegebied van de Oosterschelde en heeft daarmee de primeur.

In eerste instantie kon Van Deijk de slak niet identificeren. En dus werd de hulp ingeroepen van experts. Al snel opperden zij dat het om Aeolidiella alderi zou gaan, een soort die nog niet eerder in Nederland is aangetroffen.

Nader onderzoek wees uit dat dat klopte. Aangezien de soort nog niet eerder in Nederland is ontdekt, had deze ook geen Nederlandse naam. Maar daar is direct verandering in gebracht. De slak heeft de naam gekraagde vlokslak gekregen. Die naam heeft de slak te danken aan lichte papillen achter de kop die een soort kraagje lijken te vormen.

De zeeslak eet zeeanemonen. Deze anemonen geven een gif af, maar daardoor laat de zeeslak zich niet dwarsbomen: hij kan er prima tegen en slaat het zelfs op in zijn papillen. Dat is handig: hierdoor is de zeeslak ook weer giftig voor vissen en andere roofdieren, dus die laten hem dan ook graag met rust.