Ook Nederland heeft sinds kort een ambitieuze ruimtevaartorganisatie: Mars One. De organisatie wil in 2023 de eerste bemande nederzetting op Mars vestigen.

Vier astronauten moeten in april 2023 op Mars landen. Het is een enkele reis: de astronauten komen niet meer terug, maar vestigen zich permanent op Mars. In de jaren die volgen, breidt het aantal mensen op Mars zich rap uit. Elke twee jaar worden er weer vier astronauten naar Mars gestuurd. In 2033 wonen en werken er dan meer dan twintig mensen op Mars. In eerste instantie zijn zij sterk afhankelijk van de aarde, maar het is de bedoeling dat deze kolonie uiteindelijk op eigen benen komt te staan en zelfvoorzienend wordt.

In de jaren voorafgaand aan de lancering van de astronauten wordt er veel getraind. Zo wil Mars One de modules die op Mars komen te staan eerst in een woestijn nabouwen. Tijdens de simulaties moet dan blijken of alles echt naar behoren werkt. Afbeelding: Mars One.

Het kan!
Dat is het plan van Mars One in een notendop. En het is een geweldig plan. Maar is het ook haalbaar? Mars One doet daar sinds vorig jaar onderzoek naar en concludeert nu dat het kan. “Iedereen die dit ziet zal, net als ik, als eerste reactie zeggen: Dat gaat nooit lukken. Maar bekijk en beluister dit voorstel eens goed. Wat hier wordt voorgesteld kan wel!” zo schrijft Nobelprijswinnaar en ambassadeur van Mars One, dr. Gerard ‘t Hooft op de site van de organisatie. Het afgelopen jaar heeft Mars One met allerlei specialisten gesproken en ook contacten gelegd met organisaties die essentiële onderdelen voor deze missie kunnen leveren. “Voor elk van de onmisbare componenten zijn bestaande leveranciers gevonden: stuk voor stuk bekende en internationale aerospacebedrijven die hebben bevestigd dat ze de onderdelen daadwerkelijk kunnen en willen leveren,” zo is op de site te lezen. “De betrokken leveranciers en ambassadeurs hebben allemaal hun vertrouwen uitgesproken in de haalbaarheid van Mars One. Deze gerenommeerde organisaties en hoog aangeschreven personen zouden hun naam nooit aan deze missie hebben verbonden als zij er niet volledig in zouden geloven.”

De planning

Mars One heeft te maken met een strak schema. Dat ziet er ongeveer als volg uit: 2013: selectie van de eerste vier astronauten die naar Mars gaan, start. Conceptuele studies worden afgerond. 2014: de voorbereidingen voor de bevoorradingsmissie beginnen, astronauten bereiden zich voor op hun missie. Die voorbereidingen zijn overigens op de voet te volgen: het is de bedoeling dat het een soort reality show wordt. 2016: de lander met voorraden (vooral lang houdbaar voedsel) vertrekt naar Mars. 2018: een rover landt op Mars en zoekt naar de beste plek om een nederzetting te starten, de beelden die de rover maakt, worden wederom live uitgezonden. 2021: de eerste modules die samen de nederzetting gaan vormen, landen op Mars. In 2022 is de nederzetting ‘af’ en in staat om water, zuurstof en atmosfeer te creëren. De eerste astronauten vertrekken naar Mars en arriveren daar in het jaar 2023.

SpaceX
Over welke leveranciers en organisaties hebben we het dan? Nou, bijvoorbeeld SpaceX: het bedrijf dat vorige week nog als eerste commerciele partij ooit een ruimtecapsule naar het ISS stuurde. Maar ook Thales Alenia Space is betrokken bij Mars One. Het bedrijf ontwikkelde verschillende delen van het internationale ruimtestation. De missie is daarmee al aardig concreet. En dat moet ook wel: als de eerste mensen in 2023 op Mars moeten landen, dan betekent dat dat we nog maar tien jaar de tijd hebben om alle voorbereidingen te treffen. “Natuurlijk bestaan de meeste onderdelen nog niet precies zoals wij ze nodig hebben, maar er hoeft niets nieuws te worden uitgevonden om ze te bouwen. Onze leveranciers bevestigen dat zij alles voor ons kunnen bouwen.”

Hobbels
Voor er daadwerkelijk naar Mars geëmigreerd kan worden, moeten er nog wel wat hobbels worden genomen. Maar Mars One lijkt over al die hobbels goed te hebben nagedacht. Hoe komen we bijvoorbeeld op Mars? De organisatie wil de raket (Falcon Heavy) en ruimtecapsule (Dragon) van SpaceX gebruiken. Die zijn beiden al ontwikkeld en staan dus klaar. Hoe gaan we een leefbare omgeving op Mars ontwikkelen? Hiervoor kijkt Mars One naar het ISS, waar al elf jaar lang een leefbare omgeving in de ruimte wordt gecreeerd. Het bedrijf dat verantwoordelijk is voor die systemen heeft zijn naam reeds aan Mars One verbonden. En ook aan een Marspak wordt gewerkt. Het zal sterk lijken op de pakken die astronauten op hun reis naar de maan droegen. Energie krijgen de astronauten middels zonnepanelen en een satelliet maakt communicatie tussen de aarde en Mars mogelijk.

De bevoorradingslander arriveert op Mars. Afbeelding: Mars One.

Geld
Maar naast technologische hobbels zijn er nog andere hindernissen. Geld bijvoorbeeld. Een bemande missie naar Mars is een kostbare zaak. Maar Mars One denkt het voor relatief weinig geld voor elkaar te kunnen boksen. Zo gaan de astronauten in eerste instantie emigreren: ze komen niet meer terug. Dat maakt de missie al goedkoper en minder ingewikkeld. Daarnaast wordt er samengewerkt met de beste leveranciers die de beste producten tegen de laagste prijs kunnen leveren. Hierbij spelen politieke belangen geen rol.

Doorzettingsvermogen
Klinkt het u nog steeds als een onhaalbaar plan in de oren? Laten we niet te snel oordelen. SpaceX wist afgelopen week tegen een relatief lage prijs en met slechts ongeveer tien jaar voorbereiding een zelfgebouwde ruimtecapsule met behulp van zelfgebouwde raketten te lanceren, aan het ISS te koppelen en weer veilig op aarde te laten landen. Het laat zien wat een organisatie met genoeg knappe koppen, de juiste contacten, voldoende geld en bovenal een hoop doorzettingsvermogen kan doen. Met zo’n partij aan de zijde van Mars One lijkt alles mogelijk.

Wat betekent dat voor u? Nou, mocht u altijd al de ambitie gehad hebben om met een enkeltje naar Mars te gaan, dan is dit uw kans. Iedereen kan namelijk naar die baan solliciteren. Heeft u die ambitie niet? Dan wacht u in ieder geval een prachtige missie die we – als alles volgens plan verloopt – ook al zijn we er zelf niet bij, toch op de voet kunnen volgen. Het duurt nog even voor deze missie tot een succes mag worden verklaard. Maar tot die tijd mogen we alvast apetrots zijn dat zo’n initiatief zich ook in een klein land als Nederland kan ontwikkelen. Nu maar hopen dat wij Nederlanders op korte termijn niet langer enkel bekend staan om onze tulpen, molens en kaas, maar ook om dat dorpje dat wij op de rode planeet vestigden.