Nieuwe waarnemingen suggereren dat de planetoïde kleiner is dan gedacht en misschien zelfs wel gezelschap heeft…

Op 1 januari 2019 zal ruimtesonde New Horizons langs het Kuipergordelobject 2014 MU69 scheren. Hoewel dat nog een eindje weg is, zijn onderzoekers nu al druk bezig om een beter beeld van het object te krijgen. Want we moeten tenslotte wel een beetje een idee hebben van wat ons te wachten staat als we New Horizons rakelings langs deze planetoïde laten scheren (al is het alleen maar om eventuele risico’s die New Horizons tijdens het naderen van MU69 loopt, te verkleinen).

Voor een ster langs
Nu valt het natuurlijk niet mee om dit Kuipergordelobject – dat op zo’n grote afstand van de aarde staat – vanaf onze planeet goed in beeld te krijgen. Maar onderzoekers hadden geluk. Op 3 juni jongstleden bewoog 2014 MU69 namelijk voor een ster langs en hield daarbij kort (zo’n twee seconden) het licht van die ster tegen. En in die twee seconden tijd konden onderzoekers een beter beeld krijgen van het Kuipergordelobject zelf en de directe omgeving ervan. “Ons belangrijkste doel is bepalen of er gevaren zijn nabij MU69,” vertelde hoofdonderzoeker Alan Stern eerder. “Ringen, stof of zelfs satellieten. Maar we verwachten ook veel te leren over de baan (van MU69, red.) en mogelijk kunnen we de omvang en vorm bepalen. En dat helpt allemaal bij het plannen van de scheervlucht.”

Succes
En dus werden verschillende telescopen op 3 juni op MU69 gericht. En met succes, zo laat NASA nu weten. Het heeft namelijk wat meer informatie opgeleverd over het object. Maar daarnaast resulteert het ook in een hoop onduidelijkheid, zo moet de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie bekennen.

Kleintje
Allereerst lijkt MU69 veel kleiner te zijn dan gedacht. Afgaand op beelden gemaakt door ruimtetelescoop Hubble werd de diameter van het object geschat op 20 tot 40 kilometer. Maar de nieuwe waarnemingen suggereren dat het object een diameter heeft van slechts 20 kilometer (of misschien zelfs ietsje kleiner).

Een binaire planetoïde bestaat uit twee ruimtestenen die om elkaar heen cirkelen. Een voorbeeld is Didymos. NASA hoopt deze twee ruimtestenen in 2022 met een bezoekje te vereren.

Mysterie
Maar nu het mysterie. Het is onderzoekers vanaf elk gepland observatiepunt op aarde gelukt om de sterbedekking waar te nemen. Maar geen enkel observatorium is erin geslaagd om MU69 zelf te spotten. “Het betekent waarschijnlijk dat MU69 of heel sterk reflecterend en kleiner is dan verwacht of dat het een binaire planetoïde is (zie kader, red.) of zelfs een zwerm van kleinere hemellichamen die is overgebleven uit de tijd waarin de planeten in ons zonnestelsel tot stand kwamen,” aldus Stern.

Onderzoekers hopen natuurlijk dat ze voor 1 januari 2019 meer duidelijkheid hebben over hoe MU69 er nu precies uitziet. Gelukkig beweegt de planetoïde op 10 en 17 juli nogmaals voor een ster langs. En astronomen zitten met tal van observatoria wederom op de eerste rij. We zijn nu al benieuwd wat die waarnemingen op gaan leveren.