De nieuwe soort legt eitjes die zijn uitgerust met een soort tentakels.

Wetenschappers ontdekten de nieuwe soort toen ze zich over een stukje mos bogen dat ze van een Japanse parkeerplaats hadden verwijderd. In het mos troffen ze zo’n tien beerdiertjes aan. De onderzoekers stelden de beerdiertjes in het laboratorium in staat om zich te vermenigvuldigen, om zo meer exemplaren te verkrijgen voor onderzoek en analyse. En die analyse wees uiteindelijk uit dat de onderzoekers een nieuwe soort in handen hadden.

De nieuwe soort. Afbeelding: Stec D, Arakawa K, Michalczyk Ł (2018) An integrative description of Macrobiotus shonaicus sp. nov. (Tardigrada: Macrobiotidae) from Japan with notes on its phylogenetic position within the hufelandi group. PLoS ONE 13(2): e0192210. https://doi.org/10.1371/journal.pone.0192210.

Eieren
Met name de eieren die deze soort legt, springen in het oog. Die eieren hebben een vast oppervlak en zijn bedekt met lange, flexibele ‘draden’ die een beetje doen denken aan tentakels. Waarschijnlijk zorgen die draden ervoor dat de eieren zich goed aan het oppervlak waarop ze worden afgezet, kunnen hechten, zo schrijven de onderzoekers in het blad PLoS ONE.

De eieren van de nieuwe soort. Afbeelding: Stec D, Arakawa K, Michalczyk Ł (2018) An integrative description of Macrobiotus shonaicus sp. nov. (Tardigrada: Macrobiotidae) from Japan with notes on its phylogenetic position within the hufelandi group. PLoS ONE 13(2): e0192210. https://doi.org/10.1371/journal.pone.0192210.

168 soorten
Beerdiertjes zijn microscopisch kleine diertjes die veelvuldig in mos worden aangetroffen. Er zijn al meer dan 800 soorten beerdiertjes beschreven, waarvan er – de nieuwe soort meegerekend – 168 in Japan zijn ontdekt.

Beerdiertjes mogen dan microscopisch klein zijn: ze hebben wel ogen en een mond. Hier kijken we in de mond van de nieuwe soort. Afbeelding: Stec D, Arakawa K, Michalczyk Ł (2018) An integrative description of Macrobiotus shonaicus sp. nov. (Tardigrada: Macrobiotidae) from Japan with notes on its phylogenetic position within the hufelandi group. PLoS ONE 13(2): e0192210. https://doi.org/10.1371/journal.pone.0192210.

Beerdiertjes spreken tot de verbeelding, omdat ze ontzettend veel kunnen hebben. Je kunt ze blootstellen aan gevaarlijke straling (zoals we die in de ruimte vinden), invriezen, in een vacuüm stoppen of compleet uit laten drogen: het doet het beerdiertje weinig. Recent onderzoek suggereert dan ook dat het beerdiertje het laatste levende dier op aarde zal zijn en pas als onze zon sterft het onderspit zal delven.