Ons sterrenstelsel bevindt zich in een relatief ‘leeg’ deel van het universum.

Eigenlijk heeft het universum een structuur die een beetje doet denken aan die van een gatenkaas. De zichtbare materie in ons universum vormt filamenten, die bestaan uit superclusters en clusters van sterrenstelsels die op hun beurt weer opgebouwd zijn uit sterren, gas, stof en planeten. Tussen die filamenten bevinden zich relatief lege gebieden, ‘voids‘ in het Engels.

Leegte
En in 2013 stelden onderzoekers vast dat ons sterrenstelsel zich in zo’n relatief leeg deel van het universum bevindt. In dat deel zijn veel minder sterrenstelsels, sterren en planeten te vinden dan men verwacht had.

KBC
Die leegte noemen onderzoekers de ‘KBC-void’ (KBC verwijst naar de ontdekkers ervan: Keenan, Barger en Cowie). Deze ‘void’ is zo’n zeven keer groter dan de gemiddelde ‘lege’ ruimte in ons universum en daarmee de grootste ‘void’ die de wetenschap bekend is. De straal van deze ‘void’ zou ongeveer 1 miljard lichtjaar groot zijn.

Nieuwe studie
Nieuw onderzoek bevestigt nu het bestaan van deze lege ruimte. Volgens de wetenschappers is er namelijk geen observationeel bewijs te vinden dat het idee dat we in een ‘void’ leven, tegenspreekt. Bovendien, zo stellen de onderzoekers, kan het idee dat we in een relatief lege ruimte leven mooi verklaren waarom metingen van de Hubbleconstante elkaar soms iets tegen lijken te spreken.

Inconsistentie
Er zijn verschillende manieren om de Hubbleconstante te meten. Zo kun je kijken naar de kosmische achtergrondstraling – de warmtestraling die kort na de oerknal werd uitgezonden – maar ook naar relatief nabije supernova’s. “Ongeacht welke techniek je gebruikt: je zou dezelfde waarde moeten krijgen voor de snelheid waarmee het universum vandaag de dag uitdijt,” stelt onderzoeker Ben Hoscheit. Maar dat is in werkelijkheid niet het geval. En wanneer we ervan uitgaan dat we leven in een relatief leeg deel van het universum is die inconsistentie opeens heel verklaarbaar, zo stellen de onderzoekers. Want het betekent dat er buiten de lege ruimte veel meer materie te vinden is, die met haar zwaartekracht een veel groter effect heeft, waardoor het relatief lege deel waarin onze Melkweg zich bevindt sneller uitdijt dan de omringende, vollere delen van het universum. Die versnelde uitdijing zien we wel terug in metingen wanneer we kijken naar nabije supernova, maar niet wanneer we de Hubbleconstante vaststellen aan de hand van de kosmische achtergrondstraling.

De onderzoekers presenteerden hun bevindingen eerder deze maand, tijdens een bijeenkomst van de American Astronomical Society.