Ook als we ons uiterste best doen om de opwarming van de aarde onder de twee graden Celsius te houden.

Momenteel is de Noordpool het hele jaar door bedekt met zee-ijs. Maar dat kan in de toekomst rigoureus veranderen. Als reactie op de aanhoudende opwarming van de aarde neemt het zee-ijs dat op de Noordelijke IJszee drijft al jaren gestaag af. En dat betekent dat we mogelijk al vóór 2050 een ijsvrije Noordelijke IJszee gaan meemaken.

Zee-ijs
Het Arctische zee-ijs is een laag ijs dat op de Noordelijke IJszee en omliggende zeeën rust. Tijdens de lente en zomer smelt een deel van het zee-ijs, om tijdens de herfst en winter weer te bevriezen. Het resulteert in een jaarlijks zee-ijsminimum en een jaarlijks zee-ijsmaximum. De minimale hoeveelheid zee-ijs wordt tegen het einde van de zomer (september) gemeten. Vanaf september begint het ijs aan een nieuwe seizoenscyclus en neemt de hoeveelheid toe. De maximale hoeveelheid zee-ijs wordt vervolgens tegen het einde van de winter (maart) in kaart gebracht.


Meer over zee-ijs
Zoals gezegd volgt het zee-ijs in de Noordelijke IJszee een cyclus. In de winter groeit het aan, om aan het eind van de winter een zee-ijsmaximum te bereiken. Wanneer de zomer zijn intrede doet, begint het zee-ijs te smelten. Om aan het eind van de zomer een zee-ijsminimum te bereiken. Een laagje ijs dat in de winter ontstaat, kan gedurende die eerste winter tussen de 90 en 210 centimeter dik worden. In de zomer zal dat laagje ijs dunner worden. Maar als het het smeltseizoen overleeft, kan het in de daaropvolgende winter weer dikker worden dan het in de eerste winter werd. Zee-ijs dat zo meerdere jaren weet te ‘overleven’ kan uiteindelijk wel vier meter dik worden. Dit dikke, oudere ijs is beter bestand tegen smelten en wordt ook veel minder gemakkelijk dan jong en dun ijs door golven of de wind uiteengeslagen. Toch blijkt dat ook dit oude zee-ijs nu sneller smelt, doordat het gefragmenteerder en dunner aan het worden is. Op dit moment zou zo’n 3 procent van het zee-ijs op de Noordelijke IJszee nog meerdere jaren oud zijn. In de jaren tachtig gold dat nog voor 20 procent van het zee-ijs.

De laatste jaren zien onderzoekers het zee-ijsminimum echter steeds verder kelderen. En ook afgelopen jaar bleek er opvallend weinig zee-ijs op de Noordelijke IJszee te vinden te zijn. Zo dook de omvang van het Arctisch zee-ijs onder de 4 miljoen vierkante kilometer; het op één na laagste jaarlijkse zee-ijsminimum in de geschiedenis. Onderzoekers zagen zo’n laag minimum sinds de metingen in 1979 begonnen slechts één keer eerder gebeuren in 2012. Toen werd er een recordbrekend zee-ijsminimum van 3,4 miljoen vierkante kilometer genoteerd.

Modellen
Dat we op een gegeven moment een ijsvrije Noordelijke IJszee zullen zien, lijkt een uitgemaakte zaak. De vraag is alleen wanneer. Het onderzoeksteam analyseerde in een nieuwe studie veertig verschillende klimaatmodellen. En met behulp van deze modellen konden ze het verdere verloop van het Arctische zee-ijs in kaart brengen. De onderzoekers gingen uit van een scenario waarin onze uitstoot onverminderd doorgaat en er weinig maatregelen worden getroffen om de opwarming van de aarde een halt toe te roepen, maar bestudeerden ook het scenario waarin de uitstoot wel vlot werd teruggeschroefd.

2050
Zoals verwacht verdween het poolijs tijdens de zomer in eerst genoemde simulaties vrij rap. Maar ook in het geval van het tweede scenario zal het Arctische zee-ijs ’s zomers tijdelijk verdwijnen. “Als we de mondiale uitstoot snel en substantieel verminderen en de opwarming van de aarde onder de 2 graden Celsius houden ten opzichte van het pre-industriële niveau, dan nog zal de Noordelijke IJszee ‘s zomers tijdelijk ijsvrij zijn,” vertelt onderzoeker Dirk Notz. “Dit verraste ons echt.”


IJsvrij
Als het zee-ijs volledig wegkwijnt tijdens de zomerperiode heeft dit grote gevolgen. Zo houdt dit zee-ijs de Noordpool koel door zonlicht te weerkaatsen. Hoe minder zomers zee-ijs er daarnaast in het Noordpoolgebied te vinden is, hoe langer het duurt voordat er weer voldoende ijs is aangegroeid voor de poolwinter. En dit is slecht nieuws voor arctische dieren zoals zeehonden en ijsberen. Zij zijn afhankelijk van het zee-ijs voor de jacht en om hun jongen op groot te brengen.

De door de mens veroorzaakte klimaatverandering lijkt dus de belangrijkste reden voor het verlies van zee-ijs. Wanneer we de eerste zee-ijsvrije Arctische zomer gaan meemaken, zal daarom sterk afhangen van de vraag of het ons lukt om onze uitstoot terug te dringen. Als de uitstoot snel wordt teruggedrongen komen ijsvrije jaren slechts af en toe voor. Maar met hogere emissies zal de Noordelijke IJszee in de meeste jaren een ijsvrije periode kennen. Het betekent dat het aan onszelf is hoe vaak het Noordpoolgebied ijsvrij zal zijn. Sommige studies stellen dat we al over een krappe twintig jaar geen zee-ijs meer in de Noordpool zullen zien. En wanneer we niet genoeg maatregelen zullen treffen, zou het zomaar kunnen dat het Noordpoolgebied het zee-ijs gedurende het volledige jaar zal moeten missen.